vrijdag, juni 30, 2006

Vers le sud

In Vers le sud gaan rijke oudere dames naar Haïti voor liefde en seks van jonge negerjongens. Iedereen draait rondom Legba (Menothy Cesar), de mooiste van de jongens en rondom Ellen (Charlotte Rampling), de natuurlijke leider van de dames. Dan komt een 'indringer' aan op het eiland en in het hotel, Brenda (Karen Young). Ze is drie jaar eerder geweest en verliefd geworden op Legba. Ze is teruggekomen om hem mee te nemen naar Amerika. Er wordt een broeierig spel gespeeld met jaloezie, seks en liefde. Brenda is idealiste die gelooft in de kracht van de liefde en Ellen een cynische professor Frans aan een Amerikaanse universiteit die er niet mee zit om mannen te betalen voor seks.
Ondertussen speelt op de achtergrond de situatie in Haïti aan het einde van de jaren zeventig van de vorige eeuw. Mensen verdwijnen spoorloos onder het regime van de dictator Baby Doc. De vrouwen leven even buiten Port-au-Prince in een hotel ver van de gruwelijke wereld buiten, als in een reservaat, een paradijs op aarde. Maar het is onmogelijk je totaal af te sluiten van de werkelijkheid buiten de poort en de film raakt in een stroomversnelling als Legba tijdens een bezoek met Brenda aan Port-au-Prince op de vlucht slaat en wordt achtervolgd door een man met een pistool.
Daar zit precies het manco in de film. De lome en broeierige sfeer van het begin, de onbenoemde dreiging op de achtergrond, zou op dat moment moeten versnellen, maar de film houdt het trage tempo waardoor op een gegeven het verlangen ontstaat dat de film nu maar eens afgelopen moet zijn. Dat neemt niet weg dat de uiteindelijke ontknoping en de nieuwe visie op de personages die daaruit voortvloeit het eenvoudige verhaal een mooie diepte geeft.
Vers le sud, met Charlotte Rampling, Karen Young, Louise Portal en Menothy Cesar. Regie: Laurent Cantet.

donderdag, juni 29, 2006

Archief # 01


Gevonden bij het opruimen van mijn bureau, een plaatje zonder verdere toelichting bij een artikel over kinderen in het NRC Handelsblad, ergens in 2004. Zelfs de naam van de fotograaf is niet vermeld.

woensdag, juni 28, 2006

Spitsuur

WesterpaviljoenHet is spitsuur in Rotterdam. Ik zit op het terras op de kruising van de Nieuwe Binnenweg en de Mathenesserlaan en auto's rijden af en aan. "In de stad is het druk, druk, druk, auto's rijden af en aan, drukte op de Lijnbaan, drukte op de ijsbaan," denk ik, onwillekeurig Wim Hofman citerend uit een boekje dat ik vroeger aan mijn dochters voorlas. Een fourwheeldrive zit vast voor het terras. De vier wielen gaan niet voor- of achteruit. Even denk ik dat twee boze mannen in een kleine auto er uit zullen komen om de wanhopige bestuurder, zelf ook geen kleine jongen, in elkaar te slaan, maar ze wurmen zich met hun autootje erlangs.
Naast mij wordt de serveerster uitgefoeterd door een boze klant. Ik verbaasde me er al over hoe ze de kaarten op de tafeltjes smeet, maar de meneer waarbij ze dat vlak voor zijn neus deed, is terecht opgewonden. Mirjam heet ze, in de Bijbel maakt haar naamgenote aanmerkingen op het huwelijk van Mozes met een Nubische. Ze is blond en aan de achterkant van haar hoofd is het haar een beetje uitgegroeid waardoor de haren als een soort pluizig staartje uitstaan. Haar naam heeft als betekenis de weerspannige, de onverzettelijke. Met haar stevige bouw ziet ze er redelijk onverzettelijk uit, maar de naam doet ze geen eer aan. Enigszins schaapachtig neemt ze het standje in ontvangst. Als enige tijd later de dame in mijn gezelschap om de kaart vraagt, verwijst ze haar naar twee tafeltjes verderop, waar een exemplaar van de kaart ligt die ze dan zelf maar moet gaan halen. Weerspannig en onverzettelijk.

dinsdag, juni 27, 2006

Nogmaals Madeleine

Jacques BrelKijk en luister hoe hij wacht en smacht en hoopt dat ze samen uitgaan met tram 33 om frites te eten bij Eugène en daarna naar de film te gaan in het lied Madeleine. Gezongen door de grote meester Jacques Brel zelf in een zgn. Scopitone. Veel meer van dit soort geweldige clips zijn te vinden bij Bedazzled.

maandag, juni 26, 2006

Ideaal

De man des huizes kijkt gezellig met zijn drie vrouwen naar de voetbalwedstrijd (tekening van Denise). Dit laatste heb ik gisteren gedaan onder druk van mijn drie vrouwen. Het heeft helaas Nederland niet aan de overwinning geholpen.

Abnormaal

De man des huizes baalt en vertrapt de vlag omdat zijn drie vrouwen op de bank met zijn allen voetbal zitten te kijken (tekening van Julia).

Normaal

De man des huizes juicht tijdens de voetbalwedstrijd, terwijl de vrouwen boos toekijken omdat ze niet naar het voetbal willen kijken (tekening van Julia).

zaterdag, juni 24, 2006

Kruising

RelcameIk zit in de trein op weg naar Utrecht naar mijn optreden met Het Gebroken Oor. Als ik mijn ogen opsla van mijn boek kijk ik recht in de zwarte ogen van een groen gesluierd meisje. Ze spreekt met een zachte g in een mobiele telefoon. Ze is van een klassieke schoonheid, volle wangen, mooie donkere ogen onder donkere wenkbrauwen, en volle lippen. Een kruising tussen modern en klassiek. Tussen oosters en westers. Haar stem is behalve de zachte g vrij accentloos en Hollands, haar uiterlijk zou even goed Marokkaans als Zeeuws kunnen zijn. Even later onderstreept ze mijn constatering nog eens door te bekijken of haar ogen goed opgemaakt zijn in een spiegeltje dat gevat is in een rose-paars doosje met de woorden "Calvin Klein" er op.
Illustratie: nieuwe vorm van reclame voor een uitzendbureau op het wegdek van de fietspaden in Rotterdam

donderdag, juni 22, 2006

Wie goed schrijft...

Ik koop, voor slechts vijfentwintig cents per stuk, twee Franse boeken bij de bibliothecaresse van het Rotterdams Leeskabinet van de universiteit. Eén van François Mauriac en een ander van Albert Camus. De mevrouw achter de balie keert de door mij aangeschafte boeken om en om en bekijkt ze nog eens goed. In het boek van Camus ligt een opgevouwen en vergeeld krantenknipsel over de schrijver. Ze zijn van haar oude lerares Frans geweest, vertelt ze, die onlangs op honderdjarige leeftijd is gestorven. Ik loop weg, bladerend in beide boeken. Daardoor vergeet ik te doen wat ik meestal doe, in het boek kijken dat ik net geleend heb, Au Piano van Jean Echenoz. Daardoor kom ik er pas de volgende dag achter dat dit niet het boek is dat ik wilde lenen. Dit boek heb ik al gelezen, ik heb het verward met het nieuwste boek van Echenoz, dat Ravel heet.
Illustratie: In het boek van Mauriac vind ik de brochure die bij dit bericht te zien is: Wie goed schrijft, slaagt beter.

woensdag, juni 21, 2006

Lelijke mensen

Binnenwegplein
"I always have a tender place in my heart for strangers," zingt Neko Case in mijn oren als ik mijn lunch opeet op het Binnenwegplein. Ik kijk om me heen en ben omringd door vreemden. Het lijkt wel lelijke-mensen-dag. Iedereen heeft wel iets dat hem of haar onaantrekkelijk maakt. Een manier van lopen, te dik, te dun, te groot, te klein. Het is moeilijk warme gevoelens op te roepen met betrekking tot de bevolking van het Binnenwegplein. Bij een lantarenpaal staat een groepje verouderde Bollywood-dames in lange jurken te kletsen, voor de pinautomaten staan lange rijen lelijke mensen. Ik kan me tegelijk niet voorstellen dat je mooi wordt van het voer uit de grote zakken vol Bram Ladage-patat waarmee een groot deel van het winkelend publiek gewapend is. Een grote boze meeuw slaakt een kreetje en pikt een stukje patat weg voor een groepje duiven.
Dan vertrek ik voor de vergadering van Theaterverzamelgebouw De Banier. Ik rijd naar het Oude Noorden naar de Banierstraat. Bouwvakkers zijn druk bezig, het is vijf voor drie en er is nog niemand te zien. "Ze willen je er vast niet bij hebben," zegt één van hen. "Vanochtend is hier al een vergadering geweest," zegt een ander. Zou ik ook een lelijk mens zijn, denk ik, en willen ze me niet meer bij de vergadering hebben? De gedachte dat ik zelf net zo lelijk zou kunnen zijn als de mensen op het Binnenwegplein was nog niet bij me opgekomen. Dan bedenk ik me dat ik het visitekaartje van de directeur van de SKAR bij me heb. Ik bel op. Gelukkig, ze hebben me geprobeerd te bellen maar niet bereikt, vast een verkeerd nummer. In vliegende vaart race ik over de Erasmusbrug en kom aan in het Nieuwe Luxor. Net nadat de agenda is opgesteld word ik hartelijk verwelkomd. Gelukkig. Geen verstotene.

maandag, juni 19, 2006

Don Quichot

Don Quichot
Het heeft even geduurd, maar ik heb het 950 pagina's tellende boek "De vernuftige edelman Don Quichot van La Mancha" van Miguel de Cervantes Saavedra uit. In januari 2002 kreeg ik voor een optreden van Het Gebroken Oor in boekhandel Donner tijdens Gedichtendag, een boekenbon van vijfentwintig euro die ik besteedde door dit boek aan te schaffen als gevolg van het lezen van een lovende recensie door Hugo Brandt Corstius in het NRC Handelsblad. Het is een prachtig boek maar moeilijk om in één adem uit te lezen want eigenlijk is het een grote verzameling korte verhalen. Schitterende verhalen en geen moment denk je dat dit een boek van ca. vier eeuwen oud is. Het is onmogelijk in een kort stukje de rijkdom van dit boek weer te geven. Voortdurend wordt in het boek getwijfeld of Don Quichot en Sancho Panza dwaas, gek of geniaal zijn. Zo is dit boek ook, het is komisch en geniaal tegelijk. Maar teveel om alles in één keer op te eten.

zondag, juni 18, 2006

Verloren liefdes

Terwijl ik denk en vrees dat de jongedames in mijn huishouden vaderdag zijn vergeten komen ze onverwachts toch nog met een cadeau aanzetten. Vergezeld van een lange en mooie toespraak van de oudste krijg ik een dichtbundel van Jan Cremer: Verloren Gedichten. Omdat de foto van de man op de omslag hen aan mij doet denken. Zelfs de cigaret in de mond klopt. En de periode waarin de gedichten werden geschreven is de voor mij verloren tijd zonder kinderen, zonder hen. De jaren van 1956 tot 1992, vanaf het jaar na mijn geboorte tot een jaar voor de geboorte van de jongste. Ten derde is Jan Cremer geboren in Enschede, ook ik heb daar gewoond hoewel ik er niet geboren ben. Een mooi geschenk met een mooi verhaal.
Het boekje is opgedragen aan de verloren liefdes van Jan Cremer. Drie verloren liefdes worden achterin met name genoemd, Anita, Barbro en Babette. Het aan de eerste opgedragen gedicht uit 1962 citeer ik hieronder:

ANITA

Het warme bed in de Calle Miranda
met de doorwoelde lakens
waar jouw hete vlees
op mij ligt te wachten
sidderend en bezweet
angstig voor mijn antwoord

ik demp mijn sigaret
de lichten en dood
de muziek uit de radio
alleen buiten
25 meter lager
het zwellen van de zee

het uur van de waarheid
wederom een laatste nacht
eenzame onrustige gravin
mijn warmbloedige amazone
in ziel zigeunerin
geteisterd door conventie

het adelboekje is jouw dwangbuis
het keurslijf heet parijs
kortom treur niet lieve anita
want ook mijn dolende liefde
is jou vooreerst niet waard

want eenmaal aangetast door
het vuur van de onrust
ben ook ik blijkbaar gedoemd
tot het desperaat alleen zijn
diep in mij echter zal altijd
jouw vuur blijven branden

Dus wacht tot het mijne gedoofd is
wacht op mij!

Jan Cremer
Foto: Omslag van het boek Verloren Gedichten

zaterdag, juni 17, 2006

Grimefestival

In Gorinchem vindt het grimefestival plaats. Mijn vrouw en jongste dochter doen mee. Mijn oudste dochter is jarig en wordt zestien. "s Ochtends vroeg wordt dat laatste snel gevierd met het uitdelen van de cadeautjes, dan moeten mijn vrouw en jongste dochter er met de buurvrouw en haar dochter vandoor. De twee dochters spelen twee grote vogels die spelen met een ei. Mijn vrouw doet de grime en de buurvrouw is haar assistent.
Pas veel later ga ik met de jarige oudste dochter, de buurman en mijn ex-buurvrouw het geheel bekijken en ben blij verrast. Er heerst een gezellige sfeer in Gorinchem, er is veel te zien. Sommige acts hebben leuke grime en slechte act, anderen precies andersom en er is veel wat daar ergens tussenin zweeft.
Uiteindelijk belanden we met negen personen bij het Italiaans restaurant Roma waar het gehele personeel in Italiaans voetbaltenue is gestoken vanwege de voetbalwedstrijd van vanavond. Een oude vriendin is er met haar dochter, mijn schoonzus met haar dochter en zo vieren we alsnog de verjaardag.
Foto: Schaduwen op het plaveisel van Gorinchem

vrijdag, juni 16, 2006

Bruiloft

De kapel van het Onze Lieve Vrouwen Gasthuis in Amsterdam is aan de binnenkant wit gepleisterd. Achter het altaar is een halfronde koepel. Hier trouwen Frits en Anouk nadat ze al 22 jaar bij elkaar zijn en in het bezit van twee kinderen. De dag tevoren heb ik Frits gebeld omdat ik benieuwd was of hij zich nu uiteindelijk toch bekeerd heeft tot het katholieke geloof. Dat blijkt niet het geval. Het is een mooie maar langdurige dienst. De pastoor is zo vergeestelijkt dat het lijkt alsof hij al in de hemel leeft, tijdloos en met zijn voeten boven de aarde zwevend. Mijn vrouw en ik hebben ons voor de gelegenheid in het nieuw gestoken. 's Ochtends heb ik in de stad twee polo's (een rode en een zwarte met de vlaggen van respectievelijk Spanje en Duitsland), een t-shirt en een broek gekocht. Daarvan heb ik de rode polo en de broek aan.
Het meest ontroerende moment tijdens de dienst is als Anouk vertelt waarom ze met Frits wilde trouwen en vervolgens Frits het liedje "Grow Old With Me" van John Lennon (zijn all-time idool) voor haar zingt, zonder begeleiding, een tikje verlegen, hulpeloos en onbeholpen. Het lied is erg hoog en hij moet moeite doen de juiste hoge noten te raken. Na het zingen krijgt hij een applaus. Een vreemde ervaring, alsof het een optreden is. Na het lied prijst de pastor zijn durf, maar dit is gewoon wat Frits is, niet iemand die een praatje houdt, hij kan niet anders, hij is een artiest.
Foto: Voor het eerst in vier jaar treden de Pimko's op terwijl Frits' vader en diens vriendin toekijken. Vier jaar geleden op ons trouwfeest was de laatste keer.

donderdag, juni 15, 2006

Fotodagboek


Fotodagboek uit 2005

Madeleine

Jacques BrelPeter heeft een lijstje met nummers gemaakt voor het eerstvolgende en het daaropvolgende optreden. We treden tijdens een besloten feestje op bij Ernst (volgende week vrijdag) en op 15 juli in de Talententuin. Hiervoor moet geoefend worden. Vorige week hebben we Peter gevraagd ook wat oude nummers op te nemen en één ervan is "Madeleine" van Jacques Brel (foto). Het is lang geleden dat ik het gespeeld heb en omdat Frans er vanavond niet is moet ik nog bassen ook. Zowel de akkoorden als de tekst moeten van diep uit mijn geheugen worden opgehaald. Dat wordt oefenen. Want tijdens het optreden in de Talententuin is Frans al op vakantie en zal ik het moeten kunnen. Maar het is een mooi nummer dus ik ga mijn tanden er in zetten!
Het gaat over een sukkel die staat te wachten op zijn Madeleine die nooit komt opdagen. Hij heeft lelies meegenomen omdat ze daarvan houdt, hij verwacht tram 33 te nemen, frites te gaan eten bij Eugène en daarna naar de film waar hij haar de liefde zal verklaren. Van al deze prachtige voornemens komt niets terecht. Het begint te regenen, de lelies worden weggegooid maar... morgen zal hij er opnieuw staan en dan komt ze echt.

woensdag, juni 14, 2006

Terugweg

HekjeAls ik terugfiets is het donker. Ik fiets langs de Lek, langs Ammerstol, Bergambacht naar Lekkerkerk. Onweersvliegjes slaan me als regen in het gezicht. Ik houd mijn mond stevig dicht en soms doe ik zelfs even mijn ogen dicht. In Lekkerkerk kijk ik op de kaart en sla rechtsaf landinwaarts op zoek naar Krimpen aan den IJssel. Tot nu toe zijn alle wegen verlicht. Als ik een fietsbordje vind leidt dat me naar een onverlichte weg door de velden. Er is onweer voorspeld. Als ik door de duisternis rijd zie ik voor het eerst lichtflitsen in de verte. Ik hoor niets, behalve het geluid van de wind. Bij het volgende bordje moet ik links en kom ik opnieuw bij een verlichte weg. Steeds meer flitsen zie ik in de lucht, maar nog altijd geen geluid. Het is anderhalf uur fietsen naar huis dus ik hoop op tijd binnen te zijn. Liefst voor de regen, nog liever voor het onweer. Regen kan me niet deren, ik heb een regenpak bij me, onweer is gevaarlijk. Tussen Krimpen aan de Lek en Krimpen aan den IJssel kom ik nog twee fietsers en een brommer tegen. Steeds meer krijg ik het gevoel in ieder geval een schuilplaats te zullen halen. De luchten zijn prachtig. In het zuidwesten tekent zich van tijd tot tijd een prachtige bliksemflits af tegen de hemel. Boven en achter de wolken speelt zich een lichtspel af dat er doorheen schijnt. Als ik midden op de Algerabrug rijd tussen Krimpen en Capelle is het even helverlicht en denk ik dat het nu toch zo langzamerhand wel vlakbij moet komen.
Pas als ik het terrein van De Esch op rijdt hoor ik voor het eerst gerommel in de verte. De lichtflitsen zijn nog aan de overkant van de Maas. Ik zet mijn fiets in de schuur en een kwartier nadat ik thuis ben begint het te stortregenen.

Het hekje

HekjeIk fiets naar Schoonhoven, 26 kilometer, en kom langs dit hekje. Als decor voor de voorstelling van Arto Post Laboro (Hotel du Libre échange) heb ik een hek rondom de spelers bedacht. Dit hek symboliseert het hekje voor het taboe waar Arnon Grunberg in Monogaam over schrijft. De spelers, en met name de hoofdrolspelers meneer Pinglet, zijn opgesloten en willen graag over het hekje van het taboe springen. Buiten het hek zijn de spelers 'niet in het spel', d.w.z. zichzelf en vrij om te doen wat ze willen, binnen het hek spelen ze de rol en zeggen de tekst die het stuk hun oplegt.

maandag, juni 12, 2006

De Vrouw in het Zand

Ik lees in het krantje van Lantaren/Venster dat "De Vrouw in het Zand" draait in het filmzomerprogramma. Dat is één van de mooiste films die ik ooit heb gezien. 's Nachts in Enschede in bioscoop Alhambra waar in het weekend in de nacht altijd prachtige filmhuisfilms draaiden. Meestal al wat ouder, deze film is van 1964 (geloof ik). Het was begin jaren tachtig van de vorige eeuw en dus bijna vijfentwintig jaar geleden. Prachtige muziek van de componist Takemitsu die het geluid van schuivend zand voelbaar maakt. Vol erotische spanning tussen de man die ongewild bij de vrouw in het zand terecht komt en door haar en de dorpsbewoners gevangen wordt gehouden. Een paar jaar terug las ik het boek en herinnerde me de film weer beter. Waardoor het verlangen groeide de film terug te zien.
Ik kijk naar de data wanneer de film draait. Altijd hetzelfde. De film draait precies in de periode dat wij op vakantie zijn. Ik abonneer me onmiddellijk op de emailnieuwsbrieven van de filmhuizen in mijn omgeving in de hoop dat hij daar ook draait in een zomerprogramma, in de hoop dat de film rouleert en niet alleen voorbehouden aan Rotterdamse filmliefhebbers. Ik ben benieuwd.

zondag, juni 11, 2006

Liefdesgezicht (nogmaals)


Ter ere van het huwelijk van een oude vriend en vriendin (al 22 jaar bij elkaar en nu trouwen ze toch nog), maak ik een cd-tje van het nummer "Liefdesgezicht" en een nieuwe tekening voor het hoesje.

zaterdag, juni 10, 2006

Zelfportret

De voorstelling Zelfportret wordt aangekondigd als een dia-avond door de spelers van Dood Paard. In zekere zin is het dat ook. We worden voorbereid op een lange avond, krijgen een blikje bier of bronwater als we willen en er worden dia's vertoond. Uit de privécollectie van de spelers en dia's met vragen uit de inburgeringstest voor buitenlanders. In de pauze wordt een film vertoond voor buitenlanders die zich hier willen vestigen. Het is een onevenwichtige voorstelling, met momenten die inderdaad te lang duren, met hilarische momenten en ook ontroerende momenten. Een afwisselende avond. Twee uur lang krijgen we een inkijkje in de levens en ideeën van de spelers van Dood Paard. Prachtige scènes zijn het sollicitiegesprek, de auditie, wat te doen als je thuiskomt en er is ingebroken en de opkomst van de aliens tijdens de pauzefilm. Een vervelende scène is het langdurig afzijken van de vrouw in het gezelschap.
De vorm doet me denken aan Wunderbaum's "Stad 1" (die ik beter vond) en qua thematiek moet ik opnieuw aan Wunderbaum denken, de voorstelling "Welcome in my backyard", wat een geweldige voorstelling was. Deze laatste voorstelling wordt in september nogmaals vertoond in de Rotterdamse Schouwburg, tezamen met andere herhalingen uit de geschiedenis van die theatergroep.
Illustratie: tekening van de flyer van Zelfportret, dat kan geen toeval zijn van Dood Paard

vrijdag, juni 09, 2006

Un singe en hiver

Op TV5 was gisteravond de film Un singe en hiver te zien. Een prachtige zwartwitfilm uit 1962 van Henri Verneuil. Een hotelier, Albert Quentin (Jean Gabin) belooft zijn vrouw Suzanne (Suzanne Flon) tijdens een bombardement in de tweede wereldoorlog nooit meer te drinken als het hotel gespaard blijft. Tijdens het bombardement is zijn vrouw bang, hij niet omdat hij dronken is. Enige jaren na de oorlog bestaat het hotel nog steeds en krijgt het stel een vreemde gast, Fouquet, gespeeld door Jean-Paul Belmondo. Een Spaanse nietsnut met een rijke fantasie die voor een geheime missie in het dorpje Tigreville, waar de film speelt, is gekomen. De eerste nacht al wordt hij verschrikkelijk dronken en krijgt ruzie in de plaatselijke kroeg. Uiteindelijk helpt de hotelier hem zijn missie uit te voeren in een gezamenlijke nacht van dronkenschap, een nacht waarin Albert voor één keer de belofte aan zijn vrouw vergeet of laat voor wat-ie is. Dat gebeurt in een meesterlijke scène. Albert heeft Fouquet een calvados aangeboden, de verhouding tussen het echtpaar en de nietsnut is al heel vriendschappelijk geworden. Fouquet weigert en gaat naar buiten. Als ze alleen zijn vraagt zijn vrouw hem waarom hij dat deed. Om zelf mee te drinken, is zijn antwoord. De vrouw kijkt verbaasd. Dan vertelt Albert dat hij weet dat ze veel van hem houdt, dat hij heel veel van haar houdt, dat ze het beste met hem voor heeft maar "tu m'emmerde". Dit laatste is bijna onvertaalbaar. Het betekent zoiets als "je ergert me", "je irriteert me", maar het is meer, er zit het Franse woord "merde" in dat stront betekent. Toch voel je in de scène de liefde tussen de beide echtgenoten. Albert gaat zich één nacht vreselijk te buiten, samen met Fouquet, en voegt zich dan weer in het normale leven, na Fouquet geholpen te hebben. Een prachtige film over vriendschap voor "un singe en hiver" (iemand die niet op zijn plaats is, wat van toepassing kan zijn voor beide mannen in de film) en over liefde tussen twee oude mensen, die elkaar door en door kennen, elkaar soms irriteren, maar toch van elkaar blijven houden.

donderdag, juni 08, 2006

Angst (vervolg)

's Avonds tijdens het eten wordt er aangebeld. De Chinese buurman met één van zijn dochters. In zijn hand heeft hij een bos bloemen. Ik laat hem binnen en in de tuin waar we zitten te eten. Hij heeft bloemen voor mijn vrouw meegebracht. 's Ochtends was hij om vijf uur wakker geworden, kon niet meer slapen en zat te piekeren over hoe hij mijn vrouw aan het schrikken had gemaakt. Angst dat mijn vrouw zou denken dat hij echt een inbreker is. Op zijn werk had hij er met zijn collega over gesproken en die had hem aangeraden een bos bloemen te brengen. De man is nog zichtbaar aangedaan, de tranen staan hem bijna in de ogen. Een mooi en lief gebaar.

Angst

Soms vraag ik me af waarom ik zo weinig angst voel. Als ik 's avonds laat thuis kom na een fietstocht van Delft naar Rotterdam, dwars door een onverlicht Midden-Delfland waar een prachtige spookachtige sfeer hangt met 'witte wieven' boven de velden, staat mijn vrouw nog na te trillen van een gebeurtenis die haar angst heeft aangejaagd. Een man probeerde het raam aan de voorkant van ons huis open te duwen. Bij nader inzien bleek het de Chinese buurman. Hij stond bij het verkeerde huis. Zelf heb ik ooit twee huizen verderop de deur van de Surinaamse buurvrouw met mijn sleutel proberen open te maken. Dezelfde vergissing. Niet dronken, klaarhelder en bij klaarlichte dag.
Maar zelf fiets of loop ik door de nacht zonder bang te zijn. Geen angst aangevallen te worden, te worden beroofd. Dinsdagnacht liep ik naar huis van het metrostation, vannacht fietste ik naar huis vanaf Delft. Langs onverlichte en verlaten wegen, door de natuur, door de stad. Genietend van de heldere maan, bijna vol, de sterren, en het weinige licht over de velden. Niemand kwam ik tegen. Een lichtje voor en een lichtje achterop de fiets. Een moment van meditatie.

dinsdag, juni 06, 2006

Begraafplaats

Daarna passeer ik een klein Joods begraafplaatsje dat ligt te schitteren in de zon. Aangegeven door een eenvoudige joodse ster op het traliehek. Er achter een paar oude en grijze grafstenen.

Trompetter

Als ik door Schoonhoven loop op weg naar mijn repetitie, kom ik altijd langs de etalage van Trompetter. Het lukte met niet de etalage zelf op een acceptabele wijze te fotograferen, maar die staat vol met filmprojectoren. Wat Trompetter zelf is weet ik niet, ook niet of ze iets verkopen en zo ja wat. Het is een mysterieuze winkel in Schoonhoven.

666

De alphametic hieronder heeft slechts één oplossing (d.w.z., er is slechts één manier om de letters door cijfers te vervangen waardoor de optelling correct is):

SIX
SIX
SIX
+BEAST
------
SATAN

Illustratie: het logo van Vodafone waarin het getal van het beest verwerkt is.

maandag, juni 05, 2006

In Het Zalmhuis

De Hindoestaanse vrouw straalt. Ze zit in het Zalmhuis tegenover een man die ik alleen op de rug kan zien. Een man met wit haar. Ik heb het idee dat hij veel ouder is dan haar. Ik vraag me door de film Escort die ik vorige week zag, af of zij een escort is. Ze hangt aan zijn lippen en het lijkt er niet op of ze man en vrouw zijn. Ze beweegt vrolijk met haar hoofd heen en weer en doet alsof ze geïnteresseerd is in alles wat hij beweert. Tijdens ons etentje heb ik ruim de tijd haar te observeren. Het is een stevige vrouw met lang donker haar en veel ringen aan haar vingers.
Als ze uiteindelijk beide opstaan zie ik dat de man en vrouw niet zo veel in leeftijd verschillen als ik aanvankelijk dacht. Ook de man is een Hindoestaan. Toch blijft de vraag wat de relatie tussen de twee is. Het is Eerste Pinksterdag en dus geen dag voor een zakendiner of een etentje met een collega. Broer en zus? Die vraag blijft in mijn hoofd hangen.

zondag, juni 04, 2006

Het achtenveertigste uur

Het Achtenveertigste Uur is een documentaire roman van Nicolaas Matsier over de asielprocedure. Vanaf het moment dat de Soedanese vluchteling, de stomme hoofdpersoon van dit boek, aankomt verstrijken 48 uur tot het besluit tot uitzetting door de Immigratie- en Naturalisatiedienst. Van tijd tot tijd is het boek even spannend, maar over het geheel genomen vind ik het een taai, saai en dor boek. Als de advocaat Quist de zaak ter hand neemt als derde advocaat wordt het even spannend, ook door de taal die deze illegaal sigarenrokende man gebruikt. Verder komt een leger van personen aan het woord die het voor de vluchteling opnemen of hun best doen de zaak zo snel mogelijk af te handelen. Het biedt een inkijk in onze asielzoekerproceduren en dat is vooral met het oog op de recente ontwikkelingen in de zaak Ayaan Hirsi Ali interessant. Maar over het geheel lijkt het boek meer op een taai dossier dat doorgewerkt moet worden dan op een spannende roman.
Negatieve recensie in 8weekly: klik hier
Positieve recensie op het Leestafelforum: klik hier
Voor het boek kreeg Nicolaas Matsier de Ed. du Perronprijs van de gemeente Tilburg.

Illustratie: omslag van het boek met daarop een prachtige illustratie van Saul Steinberg

zaterdag, juni 03, 2006

Ansichtkaart

Ik loop een boekhandel binnen en zoek een mooie kaart uit waarop de Dom van Utrecht staat. Om te versturen naar mijn zieke zus in Groningen. Ik wacht tot de oudere heer aan de kassa voor me klaar is en vraag dan of ze er een postzegel bij heeft. Dat is niet het geval. Ik stop de kaart terug in het rek en loop naar de overkant. Op de zonovergoten straat neem ik afscheid van twee collega's van Studium Generale en loop de winkel aan de overkant binnen en stel dezelfde vraag. Of er postzegels bij de ansichtkaarten verkocht worden. Nee, antwoordt de man, er is een postkantoor een eind verderop. Ik dwaal wat door Utrecht, loop een café binnen en weer uit en kom op een groot plein vol terrassen en zie het postkantoor. Ik ga naar binnen, trek en nummer en ontdek dan een rij voor een aantal kleine postkantoorboodschappen. Ik sta een tijdje in de rij. De vrouw voor me wordt verwezen naar de andere loketten waarvoor je een nummertje nodig hebt. Ik geen mijn nummertje aan haar en ben aan de beurt. Ik koop postzegels en loop weer naar buiten. Nu moet ik op zoek naar een ansichtkaart. Ik loop de weg van het postkantoor naar het station met postzegels en zonder ansichtkaart. Zonder ansichtkaart stap ik op de trein.
Illustratie: schilderij van Toon den Heijer

vrijdag, juni 02, 2006

In Utrecht

Het is trouwdag in Utrecht. Voor de slaapwinkel staat een Rolls Royce geparkeerd. Het lijkt alsof het bruidspaar het huwelijksbed aan het uitzoeken is, maar als ik verder loop zie ik op de brug twee bruidsparen. Het ene paar zit al in een blauwe auto en de fotograaf vraagt of de bruid op de motorkap plaats wil nemen. Dat mag niet van de eigenaar van de auto die toch niet zo chic is als de Rolls. Het andere bruidspaar loopt rond met een vrouwelijke fotograaf. Het tweede paar is klassiek gekleed in witte jurk en zwart pak.
Ik ben in Utrecht voor de halfjaarlijkse vergadering van de samenwerkende bureau's Studium Generale. We gaan praten over nieuwe media, o.a. Hyves. Sinds kort ben ik niet alleen blogger maar ook Hyver. Ik heb het mijn dochter geleerd en die doet het nu veel meer en enthousiaster dan ik. Ze onderhoudt er haar contacten met haar vriendinnen mee.

donderdag, juni 01, 2006

Detective Collin Fox


Dit filmpje vond ik op de Firefox website, het is gemaakt door Diego Delgado Jimenez en bedoeld om de Firefox-browser te promoten, iets wat ik bij deze graag doe.
Meer van dit soort filmpjes vind je hier.

Get Firefox!