donderdag, augustus 31, 2006

Fietsen met de Duivel

Voor dagblad Trouw fietsen deze drie vrouwen met God. Zij vertellen er iedere dag over in een weblog op de site van de krant. Ik moet het nog bestuderen, maar ze zijn in ieder geval onderweg van Canterbury naar Rome. Op 27 augustus zijn ze vertrokken met de zegen van vice-dean Clare Edwards. Met een laptopje met snelle mobiele internetverbinding achterop de fiets maken deze moderne vrouwen een moderne pelgrimage. Vooral de middelste vrouw intrigeert me. Een vrouwelijke pastoor? Die bestaan toch niet? Het blijkt dat ze priester is bij de Anglicaanse kerk.
Misschien kunnen drie mannen de andere kant op fietsen. Van de heilige plaats Rome, naar het schunnige dorp van de Canterbury Tales van Geoffrey Chaucer. Maar dan natuurlijk onder de noemer: fietsen met de duivel. Of fietsen tegen de duivel. Of fietsen met de duivel op hun hielen.
Meer over Fietsen met God: klik hier

woensdag, augustus 30, 2006

Telefoon

De dochter van het kaboutervrouwtje dat onze kamers schoonmaakt zit aan de rand van het zwembad langdurig te telefoneren. Ik vermoed met haar geliefde. Dat is op te maken uit haar gezichtsuitdrukking. Ze lacht op een wijze waarop alleen geliefden lachen. Als ze klaar is met telefoneren zit ze lang en dromerig voor zich uit te kijken. Met dezelfde ogen als haar moeder. De ogen lijken met zwart kool te zijn opgemaakt zo donker en dik zijn de wimpers.
Ze wordt in haar overpeinzingen gestoord als één van de spelende kinderen zijn hoofd stoot en huilend moet worden afgevoerd.
Dit is de vijfde van een reeks notities uit Dalyan in Turkije. Foto: het boze oog.

Etiketten

Zaterdag hebben we een feestje en het echtpaar vraagt om een flesje wijn. Geen geld. Geen cadeaus. Dus ik zit te piekeren over een wijnetiket om te maken en er op te plakken. Ik surf over het internet en vind verschillende sites met voorbeelden van gepersonalizeerde wijnetiketten. Toch vind ik een klassiek wijnetiket zoals het linker het mooist. Of een heel modern. Iets dat in zijn geheel niet aan een wijnetiket doet denken maar er grafisch mooit uitziet. Wellicht later meer over mijn overpeinzingen en eventueel het resultaat.

maandag, augustus 28, 2006

Volver

"Volver" wordt aangekondigd als een film over drie generaties sterke vrouwen. Ogenschijnlijk zijn deze vrouwen inderdaad sterk. Maar ze zijn zo zwak om te vallen voor de verkeerde mannen. Bijna alle mannen in deze film zijn gemeen. Ze gaan vreemd, ze verkrachten. Twee mannen zijn sympathiek. De eigenaar van het restaurant en de aanvoerder van de filmploeg. Maar deze mannen, die heel graag iets met Penelope Cruz zouden willen beginnen, en wie zou dat niet willen als je je ogen niet in je zak hebt zitten, krijgen bij haar geen kans. (Mooie dialoog tussen de moeder en de dochter. Moder: "Zijn jouw borsten altijd zo groot geweest?" Dochter: "Ja, mama" "Of heb je er iets aan laten doen?" "Mama! Natuurlijk niet" "Ik dacht dat ze kleiner waren")
Dus zijn de vrouwen in "Volver" eigenlijk wel sterke vrouwen? Of zijn ze in werkelijkheid zwak, of gek geworden van de wind die aanhoudend door hun geboortedorp waait. Niettemin een indrukwekkende film met een mooi scenario (Gouden Palm in Cannes) en geweldigd geacteerd (Gouden Palm beste actrice voor alle vrouwelijke actrices).

zondag, augustus 27, 2006

Geschwister Weisheit

Op het Schouwburgplein staat een 62 meter hoge mast opgesteld en vanaf de gond lopen drie staalkabels omhoog naar veertig meter hoogte. Bij de grond staan drie motoren klaar, op de kabel, in een startpositie. Ze kunnen zo naar boven rijden over de kabels. En dat doen ze ook. De Geschwister Weisheit zijn in Rotterdam voor het Straatfestival dat dit jaar in een verkleinde vorm plaatsvindt.
Voordat de motoren gaan rijden klimt Andrei eerst naar boven in de 62 meter hoge mast en voert bovenin halsbrekende toeren uit om te eindigen met een trompetsolo staand op de mast. "Waarheen, waarvoor?" van Mieke Telkamp en dat is inderdaad de vraag. Waarom doet iemand zoiets? Het ziet er allemaal erg roekeloos en gevaarlijk uit. Waarheen is hij op weg? Naar een vroege dood door een val van 62 meter? Voor wie doet hij dit? Ter eer en meerdere glorie van zichzelf? Windt het hem op?
Dan gaan de motoren de kabels op. Drie motorrijders bovenop, een soort trapeze onderaan de motor om hem in evenwicht te houden en op die trapezes drie dames in korte rokjes. Alles oogt erg ouderwets. Vooroorlogs kermisvermaak. Oost-Europees. Ook het uiterlijk van de heren en dames is Oost-Europees. Korte en gedrongen figuren met namen als Alexander, Andrei en Natasha. Ouderwets genieten van volksvermaak. Ook de zwervers op het Schouwburgplein genieten mee.
Meer over de Geschwister Weisheit? Klik hier!

vrijdag, augustus 25, 2006

The Atheist's Mass

Sommige boeken staan heel lang in je boekenkast voor je ze er uit pakt. Dit boek heeft denk ik dertig jaar in mijn boekenkast gestaan. Ik kreeg het van mijn vader omdat ik op een verlanglijstje voor mijn verjaardag of voor Sinterklaas de vage vraag 'een Frans boek' had staan. Hij had geen echt Frans boek kunnen vinden, maar wel een vertaald boek van Honoré de Balzac, een Engelse versie van "La messe de l'athée".
Volgens de inleiding is het titelverhaal het hoogtepunt van het boek omdat Balzac het hier kort weet te houden, niet eindeloos uitweidt, maar zelf ben ik het meest gecharmerd door het verhaal "Honorine" over een gevallen vrouw. Een groep mensen zit in Genua op een terras te praten over de vraag over als een vrouw vreemd gaat of ze dan altijd schuldig is. De consul van Genua vertelt daarop het verhaal van Honorine, een vrouw die hij gekend heeft, een getrouwde vrouw die er vandoor ging met een man, door die man verlaten werd en, nadat ze lange tijd alleen en in stilte geleefd heeft, uiteindelijk weer terugkeert bij haar echtgenoot en niet lang daarna sterft. Vooral de brief waarin Honorine vertelt waarom ze niet bij haar man kan terugkeren is schitterend.
De bundel eindigt met een grappig verhaal over een schilder die, ondanks dat hij eigenlijk niet kan schilderen en alleen kan plagiëren, toch beroemd wordt en dankzij of ondanks zijn gebrek aan talent een rijk en lelijk meisje weet te trouwen en ook nog gelukkig wordt.
Het lange verhaal over Kolonel Chabert had ik al eens in het Nederlands gelezen en is een prachtig verhaal over de komische verwikkelingen rond de kolonel uit de titel die niet kan bewijzen dat hij zichzelf is. Zijn vrouw is met een ander getrouwd en wil hem niet geloven. Uiteindelijk rest hem niets anders dan de identiteit aan te nemen die hem wordt toegedicht.
Tenslotte is er het verhaal "The Commission in Lunacy" dat de nadelen heeft die in het voorwoord worden genoemd. Het is een mooi verhaal, maar helaas te lang.
Het is grappig om een Frans boek in het Engels te lezen, ondanks de taal blijft de sfeer van Parijs en Frankrijk behouden.
Illustratie: Honoré de Balzac

donderdag, augustus 24, 2006

Zwembad

Ik ben als eerste in het zwembad. Het is vroeg in de ochtend en over het water scheren Turkse zwaluwen. Ik trek baantjes en een zwaluw komt, enkele centimeters boven de punten van de golven, vlak boven het wateroppervlak, op me af. Voordat-ie me recht in het gezicht vliegt, vliegt hij op. Het zijn dezelfde soort vogels als die welke we 's ochtends vroeg op het meer zagen, op de toppen van de rietstengels. Later denk ik dat het waarschijnlijk buidelmezen zijn, kleine vogels die van katoen nesten maken in de vorm van een buideltje. Maar als ik op internet zoek naar de buidelmees blijkt die er toch weer anders uit te zien.
Dit is het vierde van een reeks notities uit Dalyan in Turkije

woensdag, augustus 23, 2006

Rok

Over het naambordje Capelle aan den IJssel bij de entrée van het bedrijventerrein Rivium, hangt een rok. Een bruine rok. Maat 42. Ik pak hem er even af, verbaas me er over wat die rok daar doet en hang de rok weer terug. Het is rond half zeven 's avonds. Een eindje verderop staat een lege auto geparkeerd. Van de eigenares van de rok? Ik skate verder naar Capelse Brug, op weg naar mijn repetitie in Schoonhoven.
Als ik uren later rond twaalf uur terug skate langs dezelfde route, bedenk ik een practical joke. Ik zal de rok, als die er nog hangt, mee naar huis nemen en in de wasmand stoppen. Voor mijn oudste dochter is de rok te groot, voor mijn vrouw te klein. Verbazing alom. Waar komt die rok vandaan? De vlieger gaat niet op. Op de terugweg is de rok verdwenen en de lege auto ook.

maandag, augustus 21, 2006

Markt

De marktkoopman heeft een zacht en week gezicht dat er uitziet alsof het gemaakt is van witte kaas. Hij is stevig en heeft volle lippen. Zijn bovenlichaam is ontbloot en zijn buik steekt naar voren. Hij komt uit Koerdistan en geeft les in Engelse grammatica op een universiteit in een plaatsje in de buurt van Van. Hij is op familiebezoek in Dalyan. Zijn familie zit om hem heen in het kraampje met huishoudelijke artikelen. Vader, moeder en zoon. Hij verkoopt ons een zeefje voor de tuit van een theepot. Dat zeefje is waarschijnlijk een uitstervend artikel in Turkije want hier worden geen blaadjes thee maar wordt oplosthee verkocht.
Dit is het derde van een reeks notities uit Dalyan in Turkije

zaterdag, augustus 19, 2006

Schorpioen

Vanaf de boot op het meer zijn miljoenen sterren te zien. Het licht op de boot is uit en we liggen op onze rug op de voorplecht waar geen overkapping is. Ik zie de Grote Beer en de W die volgens mij de Cassiopea heet. Maar dat zijn twee sterrenbeelden die ik in Nederland ook altijd onmiddellijk weet te vinden. En ik zie het sterrenbeeld dat hiernaast is afgebeeld. Ik zoek het thuis op: de schorpioen.
We dansen met z'n allen terwijl de boot deint op de golven. Als ik uren later in bed lig voel ik het bed deinen.
Het toiletbezoek is aanleiding tot grote pret want er is geen wc op de boot. Staand op het laddertje dat dient om terug in de boot te klimmen na het zwemmen, moet er in het donker in het meer geplast worden.
Dit is de tweede van een reeks notities uit Dalyan in Turkije

vrijdag, augustus 18, 2006

Inzending

Gisteren schreef ik over de Piet Paaltjens Schrijfwedstrijd. Natuurlijk ga ik zelf meedoen. Vanaf vandaag verschijnt het verhaal "Tien redenen" dat ik wil inzenden in elf afleveringen in dit weblog.

donderdag, augustus 17, 2006

Piet Paaltjens Schrijfwedstrijd

Wegens groot succes in 2005 organiseert Bibliotheek Waterweg (voorheen Gemeentelijke Openbare Bibliotheek Schiedam) opnieuw de schrijfwedstrijd Piet Paaltjens. Iedereen met schrijftalent wordt van harte uitgenodigd deel te nemen aan deze schrijfwedstrijd voor verhalend proza. Dus: grijp deze gelegenheid, schrijf een verhaal en maak kans op de felbegeerde Piet Paaltjens Prijs 2006! In de keuze van het thema bent u vrij! Stuur uw inzending voor 1 september 2006 in.

Reglement Schrijfwedstrijd Piet Paaltjens 2006

Algemeen
De inzendingen zijn in de Nederlandse taal geschreven en niet eerder gepubliceerd en/of bekroond.
De wedstrijd staat open voor iedereen die de Nederlandse taal beheerst.
De ingezonden verhalen blijven eigendom van de auteur met dien verstande dat de beste verhalen gepubliceerd worden.
De verhalen van de prijswinnaars worden gepubliceerd op de website van de Bibliotheek Waterweg. Aan deze eervolle publicatie is geen honorarium verbonden.
Met het inzenden geeft de auteur hier toestemming voor.

Thema en inhoud
Alleen verhalend proza kan ingezonden worden.
Het thema is naar eigen keuze.
Per deelnemer mogen maximaal twee verhalen van 1500 woorden per verhaal ingezonden worden.

Inzenden
Inzenden vóór 1 september 2006 voorzien van naam,adres,telefoonnummer en emailadres.
Bij voorkeur inzenden als bijlage in Word of RTF van een e-mail aan pietpaaltjens@schiedam.nl
Gebruik een standaardletter van 11 punten en geen bijzondere opmaak.
Indien e -mailen niet mogelijk is, dan het verhaal (liefst op diskette) sturen naar Bibliotheek Stadserf, Stadserf 1, 3112 DZ Schiedam, t.a.v. Magda Meijer.
U ontvangt een bevestiging als uw inzending ontvangen is.
De ingeleverde verhalen worden niet geretourneerd.
Inzendingen worden anoniem door de jury beoordeeld. De naam is alleen bekend bij de organisatie.

Prijzen en prijsuitreiking
Er zijn geen geldprijzen, wel 3 typisch Schiedamse prijzen.
Over de uitslag wordt niet gecorrespondeerd.
De prijsuitreiking is op zondag 5 november 2006, vanaf 14.00 uur in Bibliotheek Noord, Bachplein 589 in Schiedam.
De deelnemers dienen (eventueel) bereid te zijn hun werk voor te lezen op bovenstaande bijeenkomst.

Voor meer informatie:
Greet van Norde,telefoon: 010 - 246 57 24 (maandag t/m vrijdag, 9.00 - 13.00 uur).
Email: pietpaaltjens@schiedam.nl

woensdag, augustus 16, 2006

Bij het stoplicht

Hij: Hallo.
Zij: Eindelijk is het goed weer, dit is heerlijk weer.
Hij: Maandag was het echt erg.
Zij: Op maandag werk ik niet, ik -
Hij: Waar werk je dan?
Zij: Op het NAi. Bij de afdeling P&O. En jij?
Hij: Hier vlakbij. Op de universiteit. Bij Studium Generale.
Zij: O, dat lijkt me leuk.
Zij: Die organiseren van die mooie programma's.
Zij: Maar het komt er nooit van om te gaan.
Hij: Ik heb nog eens geprobeerd iets te organiseren met het NAi.
Zij: O ja?
Hij: Maar dat is mislukt.
Hij: Ik wilde de studenten iets laten ontwerpen.
Hij: In het kader van de tentoonstelling van Wijdeveld.
Hij: Ontwerp het onmogelijke.
Hij: Maar niemand stuurde iets in.
Zij: Jammer.

De Voorlezer

De VoorlezerEnige tijd geleden schreef ik over de film La Lectrice met Miou-Miou. In de boekenkast op ons logeeradres vond ik een boek met als titel De Voorlezer. Geschreven door Bernhard Schlink, een Duitse schrijver waar ik nog nooit van had gehoord. Hij is jurist en heeft al diverse prijzen gewonnen als thrillerauteur. Maar dit boek zag er niet uit als een thriller. Ook de aanbevelingen van Vrij Nederland, NRC Handelsblad en De Groene Amsterdammer duidden niet op een thriller. Het boek uit 1995 gaat over de liefde van een vijftienjarige jongen voor een vrouw van zesendertig. Mijn interesse was gewekt en ik begon te lezen.
Het boek begint als een liefdesroman. De jonge Michael is ziek en moet overgeven op straat. Hij wordt opgevangen door Hanna, die hem als een moeder helpt zich schoon te maken waarna hij naar huis gaat. Een half jaar later wordt hem door zijn eigen moeder opgedragen de vrouw te bedanken. Hij gaat naar het huis, weet zelfs niet hoe ze heet, maar hij vindt haar. Ze is tramconductrice en hij wordt geraakt door haar schoonheid. Er ontspint zich een liefdesrelatie die ongeveer een half tot een anderhalf jaar duurt en dan is Hanna opeens verdwenen. Michael voelt zich schuldig want hij denkt dat het zijn schuld is. Dat hij haar heeft verloochent tegenover zijn vrienden. Dan ziet hij haar als hij rechten studeert opnieuw. In de rechtbank. Ze staat terecht omdat ze zich vrijwillig heeft aangemeld bij de SS als bewaakster in een concentratiekamp. De liefdesroman verandert in een theoretische verhandeling over recht, over wraak, over schuld en onschuld, over vergelding. Om uiteindelijk te besluiten met een ontroerend einde in de gevangenis waar Hanna is opgesloten. Na tien jaar plotseling weer actueel geworden met de bekentenis van Günter Grass, het linkse geweten van Duitsland, die zich als 17-jarige vrijwillig blijkt te hebben aangemeld bij Hitlers keurtroepenkorps, de miltaire tak van de Schutzstaffel van de Führer zelf. Voor Grass gold als excuus dat hij jong was en wilde ontsnappen aan zijn benepen burgerlijke milieu en zich van de SS nauwelijks een voorstelling had gemaakt. Hanna heeft een ander excuus en geheim dat ik hier niet zal verklappen. Maar het is een ontstellend boek, dat je aan het nadenken zet.

dinsdag, augustus 15, 2006

Opa is dood

Ik sta in de keuken, ik praat met het jongetje en luister gefascineerd. Zijn ouders en zijn broer zijn er niet. Ik kom de sleutel van ons logeeradres afgeven want we gaan terug. Gisteren hebben we de rouwkaart gezien. Eerst realiseerden we ons niet eens dat het de vader van de buurman was. Er is niemand thuis, alleen het jongetje. Met een speelgoedpistool in zijn rechterbroekzak. Hij zou zo uit de vijftiger jaren kunnen zijn weggelopen. Hij heeft dezelfde soort kleding en kapsel als mijn broers en ik toen hadden.
Het jongetje praat als een robot. Hij repeteert woorden die hij van volwassenen heeft afgeluisterd en herhaalt ze als een automaat. Hij was geschokt toen hij het hoorde. Van zijn opa. Dat hij was overleden. Opa was een fotograaf. Hij kent hem op foto's alleen van oude foto's, vertelt hij. Hij is sinds de dood van opa bijna niet meer buiten geweest en probeert het verlies te verwerken met televisiekijken en computerspelletjes. Het is wonderlijk zoals hij praat, zo totaal zonder het gevoel dat bij de woorden hoort.
Foto: de fietsenstalling bij het Hoofdstation van Groningen

Paard ontsnapt

Er is een paard ontsnapt. Van de twee paarden die in de wei voor ons logeeradres staan, staat er eentje op de weg. Het hek is op slot, maar het paard is buiten de omheining. De vorige middag hebben we een meisje gezien op één van de twee paarden, maar niemand weet een telefoonnummer.
Ik loop naar de overkant naar de buren die de kippen voeren als wij straks weg zijn. Op het terras ligt een man in een slaapzak op de tegels. Als ik hem aanspreek springt hij op. Hij zegt dat hij het even zal vragen. Een vrouw in een witte duster verschijnt. Ik stel me voor. Dan komt een aangeklede man aanlopen uit het huis. Hij zoekt in zijn mobiele telefoon naar het nummer van de meisjes. Maar hij weet de naam niet precies. Dus hij moet het hele telefoonboekje door. Als hij daarmee klaar is heeft hij het nog steeds niet gevonden. Dus loop ik samen met hem terug naar de wei en naar het paard. Mijn vrouw houdt het paard bij de hals terwijl een andere man het slot van het hek doorknipt met een tang. Als een echte boerin leidt mijn vrouw het paard, met hulp van de man, terug in de wei. Het kapotte slot wordt er weer provisorisch aangehangen en de klus is geklaard. Mijn vrouw hangt er later nog een briefje bij voor de onvindbare meisjes. Of ze contact op willen nemen en hun telefoonnummer willen achterlaten.
Foto: één van de zeven doodzonden op de tentoonstelling van Marc Quinn in het Groninger Museum. Ik weet niet welke.

De Groote Poldermolen

Op het houten bankje dat uitkijkt op de Groote Poldermolen zit een oude man. Hij zit precies op het bankje waar ik graag was gaan zitten. Ik ben halverwege een fietstocht door de noordoostelijke ommelanden van Groningen. Langs kleine dorpjes waarvan in geen enkel een café is te vinden. Ik wil even pauzeren en lezen in mijn boek en ben net als de man op het bankje alleen. Ik heb geen behoefte aan een gesprek en dus fiets ik door. Ik stel me voor dat de vrouw van de man gestorven is en hij nu alleen fietst waar hij vroeger met zijn echtgenote fietste. Zelf ben ik straks weer terug op mijn logeeradres waar mijn vrouw en kinderen op mij wachten.
Zal ik later, als ik zo oud ben als deze man, vermoedelijk gepensioneerd, ook eenzaam door het landschap fietsen? Op zoek naar contact op een bankje bij een molen. Of zal ik, zoals in "Liefde in tijden van cholera" van Marquez, het contact hernieuwen met een verloren of een onmogelijke liefde en met haar achter de horizon verdwijnen?
Illustratie: de grens tussen Groningen en Hoogezand-Sappemeer

zaterdag, augustus 12, 2006

Au Corset qui Tue

Dit is het derde boek van Alina Reyes dat ik lees. Het eerste was "Le Boucher" (De slager), een erotisch en spannend avontuur over de relatie tussen een slager en een jong meisje. Het tweede was "Het Erotisch Labyrinth", een doolhof van korte verhalen met erotische fantasieën voor mannen en voor vrouwen. In twee delen kun je in dit boek zelf kiezen hoe je er doorheen leest. Het ene deel bevat fantasieën voor vrouwen, het andere voor mannen. Een aantal verhalen zijn hetzelfde gezien vanuit twee gezichtspunten, sommige verschillend en specifiek voor vrouwen of voor mannen. Ook dit boek bevat veel erotiek. Meer onderhuids zoals in het eerste boek, Le Boucher.
Het gaat over twee vrouwen, Alice en Lucile (die meestal als L wordt aangeduid, wat ook uit te spreken is als "elle"). Dubbelzinnig blijft of het over één persoon gaat of over twee. Twee zielen in één lichaam of twee personen met één ziel. In het begin wordt afwisselend gesproken over "ik" in de eerste persoon door Alice en over L in de derde persoon. Op tweederde van het dunne boekje (84 pagina's) vindt de eerste ontmoeting tussen de twee personages plaats voor de corsettenwinkel "Au corset qui tue" (In het verstikkende keurslijf). Niet bepaald een aanbeveling om de winkel binnen te gaan.
Lucile bevindt zich dan al enige tijd in Bordeaux in het huis van haar oom Charles die pas is overleden. In een kast heeft ze een verzameling flessen en potjes gevonden met in elk een stuk zwart ondergoed en een papiertje met de naam van een straat. Ze gaat op onderzoek uit naar haar oom die ze eigenlijk niet kent, bij de medebewoners van het huis. De benedenbuurvrouw die het huis van oom Charles schoonmaakte weet niets van hem, alleen dat het een keurige heer was die 's ochtends om kwart voor negen naar zijn werk ging en meestal om half zes 's avonds weer thuis kwam. Hij ontving nooit dames terwijl het een hele knappe man was en nog een zanger bovendien.
Bij een andere buurman komt ze meer te weten. Die is tekenaar en hij vraagt haar om naakt voor hem te poseren waarin Lucile toestemt. Lucile wordt langzamerhand verliefd op de schilder maar hij haalt een gemene en kwetsende grap met haar uit. Hij vraagt haar zich zo mooi mogelijk aan te kleden omdat hij met haar uit wil. Dan zet hij haar tegen een muur in de rosse buurt terwijl hij aan de overkant vanuit een portiek toekijkt. Furieus loopt ze bij hem weg. Toch blijft ze door hem aangetrokken worden en als Alice op het toneel verschijnt is ze bang dat Alice hem zal inpikken. Een op sommige punten onduidelijk maar intrigerend en spannend boek. Alina Reyes is goed in het neerzetten van associatieve beelden. Bijna hypnotiserend is de scène waarin Manu, een andere bewoner van het huis van oom Charles, op de trappen van het theater staat te spelen op een djembé en een jonge vrouw aantrekt die bij nader inzien Alice blijkt te zijn. De ontknoping volgt dan spoedig.

vrijdag, augustus 11, 2006

Mannen en vrouwen

Onder de Grote Markt in Groningen bevindt zich een ondergronds openbaar toilet. Vlak voor waar eens de legendarische ijscozaak Talamini zich bevond waar Gerrit Krol over schrijft in De Rokken van Joy Scheepmaker. Geen toilet voor Dames en voor Heren maar voor Mannen en voor Vrouwen. De man of vrouw die het toilet beheerd zit verborgen achter een deurtje met een gleuf die lijkt op een brievenbus. In deze brievenbus staat een schoteltje waar je het geld op kunt leggen. Niet vooraf betalen zoals overal in Rotterdam en daarbij is de prijs waanzinnig laag. Betaal je in Turkije bij sommige toiletten net zoveel als in Rotterdam, ongeveer vijfendertig eurocents, hier kun je nog vooroorlogs plassen voor 0.15 cents! Kwam mijn vrouw in Turkije een keer boos naar buiten omdat haar openbare toilet niet was schoongemaakt en kwam ze nu uit het vieze toilet van De Drie Gezusters op een steenworp afstand, hier is het nog eens keurig netjes schoongemaakt ook. Een ruime zaal met pisbakken voor de mannen die nodig moeten. Geen enkele reden om stiekem in een hoekje tegen de Martinitoren te plassen.

Drie stations

De drie stations die we op een dag bezoeken zijn alledrie volop in restauratie. Het eerste station, Rotterdam CS, vanwaar we vertrekken wordt heftig verbouwd o.a. in verband met de HSL en de nieuwe lightrailverbinding. Voor het station staan overal gele houten wanden met daarachter kuilen en hopen zand.
Het tweede station is Amsterdam CS. Wat hier precies aan de hand is weten we niet, maar in het station gaan we op zoek naar de kluizen om onze bagage op te slaan en lopen langdurig lang grijze houte wanden.
Op het derde en laatste station komen we 's avonds laat aan. Dat is het oude hoofdstation van Groningen, ontworpen door dezelfde architect als het Rijksmuseum van Amsterdam, Cuyper. Tegenwoordig heet het jammergenoeg Groningen CS. Omdat de NS een eenheid wilde aanbrengen in de naamgeving van de stations. Hier wordt voor de ingang een soort van platform gebouwd met daaronder een ruimte voor de fietsen die nu in twee lagen geparkeerd staan tussen het busstation en het treinstation.
Dat is in ieder geval een verbetering. Vroeger was er bij geen van de drie stations de mogelijkheid je fiets fatsoenlijk onbetaald te parkeren en stonden fietsen verspreid vastgeketend aan lantarenpalen en hekjes en op elke plek waar je je fiets vast kon zetten. Nu is er eindelijk overal fietsparkeerplaats. Een vooruitgang.

woensdag, augustus 09, 2006

Wasco bij Lambiek

Klik op de afbeelding voor een grote versieHierbij wil ik iedereen attent maken op de Wasco-expositie bij Striphandel LAMBIEK, Kerkstraat 132, 1017 GP AMSTERDAM (020 6267543)
Er zijn Strips, Schilderijen, Hondenbeelden, Kattentekeningen en pikante meisjes en nog veel meer te zien. Ook zijn er 4 enigszins nieuwe WASCOBOEKEN! Te weten: Wasco's Weekblad 1957, De Wasco Lijn, I Book en De Fantoma Reeks.
Komt Allen!
De Expositie duurt tot en met 19 Augustus.
Als je mensen kent waarvan je denkt dat ze hiervan ook op de hoogte gesteld moeten worden stuur dit bericht dan door.
Klik hier of op de afbeelding voor een grote versie

Autobus

BusstopPlotseling schrik ik op in de autobus. De bus rijdt een andere route dan ik gewend ben. We rijden over een dijk met links van me de rivier. De volle maan die ik bij het instappen zo helder zag schijnen begint langzaam te verdwijnen achter het aangroeiende wolkendek. Ik voel me ontheemd, onzeker. Zit ik wel in de goede bus? We passeren een halte, maar de bus stopt niet. Verlichte gebouwen die me vaag bekend voorkomen staan aan de linkerkant waar ook de rivier is, rechts kijk je de dijk naar beneden met beneden een fietspad. Dan herken ik waar we zijn. We rijden over de IJsseldijk richting Kralingse Veer en niet over de snelweg. Het fietspad beneden heb ik al diverse keren gefietst heen en weer naar Schoonhoven. De bus slaat af en rijdt door Capelle West naar de rotonde in de muziekwijk waar een grote lier middenop staat. Veilig komen we aan bij Capelsebrug waar ik mijn skates aandoe en naar huis rijd.
Illustratie: Italiaans filmaffiche van de film Busstop

maandag, augustus 07, 2006

Hassan

"De kapitein heet Hassan." Dat is wat de man op de duistere kade om half elf 's avonds ons vertelt als hij het kaartje verkoopt. Hij heeft iedere dag hetzelfde groene t-shirt aan, een imitatie G-starraw en kijkt alsof hij voortdurend onder invloed is van een halucinerend middel. Hij heeft een haakneus en katachtige ogen. "Zijn boot is de Pilot en het nummer is 18." De lichten op de kade geven een spookachtig licht. Er zijn nog maar weinig wandelaars op de kade. De boot zal de volgende morgen om zes uur vertrekken. Ik stop het papiertje dat als bewijs van onze betaling dient en waarop de naam van de boot en het nummer genoteerd staan in mijn portemonnee. We lopen terug naar het hotel.
Bij de lederwinkel voelen we aan het zachte leer van de modellen die buiten hangen. Een meisje van een jaar of tien komt aangerend en wil de eigenaar van de winkel waarschuwen die achterin zit te werken. We wensen haar een goedenavond (ie akshamlar) en lopen door.
's Nachts om half vijf vindt rondom het hotel een hondenconcert plaats.
Dit is de eerste van een reeks notities uit Dalyan in Turkije

zondag, augustus 06, 2006

The Third Man

Het is altijd een feest wanneer The Third Man op televisie is. Gisteravond was het weer eens zover. Ik heb dit keer goed opgelet en het duurt minstens een uur voordat eindelijk Orson Welles als Harry Lime komt opdagen en het wereldberoemde Harry Lime-theme van en door Anton Karas op zijn cither gespeeld wordt.
Het verbaasde me hoe weinig ik me van deze film kon herinneren. Eigenlijk waren alleen de drie scènes met Orson Welles me bijgebleven. De ontdekking van Harry Lime door zijn kat, het gesprek tussen Holly Martins (Joseph Cotten) en Harry in het reuzenrad op het Prater en de achtervolging in de riolen van Wenen. Het hele romantische verhaal rondom de Tsjechische vluchtelinge Anna Schmidt was ik vergeten. Dat is ook niet het sterkste onderdeel van het verhaal. Waarom vlucht Anna niet uit Wenen als ze de kans krijgt? Haar liefde voor een overduidelijke schurk die haar ook nog eens in de steek heeft gelaten moet wel erg groot zijn en is niet erg aannemelijk. Maar het levert wel een mooie slotscène op die me ditmaal heel erg deed denken aan het einde van Casablanca.
Foto: Anton Karas en zijn cither

Slaap!

De eerste keer dat ik over de Belgische schrijfster Annelies Verbeke en haar boek Slaap! las, was in een Rotterdams café. Ik was natgeregend, totaal doorweekt, op weg van Delfshaven naar het park. Omdat ik te vroeg was voor mijn afspraak dronk ik een kop koffie in café Dizzy. In de krant, een exemplaar van het NRC Handelsblad, stond een grote foto en een interview met Annelies Verbeke over haar eerste boek, een verbluffend debuut. Een mooie jonge vrouw met zo te zien donkerrode lippen (de foto was in zwartwit) keek zelfverzekerd de camera in. Op de foto op de achterflap van het boek dat ik een jaar later gelezen heb ziet ze er uit als een meisje dat net is gaan studeren, net de middelbareschoolleeftijd ontgroeit. De tegenvallende foto op de achterflap zegt niets over het boek. Dat is inderdaad verbluffend.

Het gaat over Maya, een jonge vrouw die last heeft van slapeloosheid en tijdens haar nachten die volgens de eerste zin langer duren dan haar dagen, houdt ze andere mensen uit hun slaap. Zo ontmoet ze Benoit, iemand die aan dezelfde kwaal lijdt als zijzelf. Een wonderlijke verhouding begint. De geliefden vinden elkaar in hun ziekte, verliezen elkaar en gaan op zoek. Het verhaal wordt gedeeltelijk vanuit het perspectief van Maya en gedeeltelijk vanuit het perspectief van Benoit verteld. Met de toenemende gekte van de hoofdpersonen als gevolg van hun slapeloosheid, wordt het boek ook steeds waanzinniger, tot aan de mooie en verrassende ontknoping met toch nog een open einde.
Ik las het boek bijna in één adem uit. De eerste honderd pagina's in een dag, de laatste vijftig in een ochtend.
Bovenste foto: Annelies Verbeke als vamp met donkerrode lippen. Onderste foto: achterflapfoto als meisje met bleke lippen.

donderdag, augustus 03, 2006

La Chute

Ik vond `La Chute´ (1956) een moeilijk boek. Misschien had ik het beter niet in het Frans maar in het Nederlands kunnen lezen, ik kwam er in ieder geval maar moeilijk in.
Het gaat over de strafrechter en ex-advocaat Jean-Baptiste Clamence die in een café op de Amsterdamse Zeedijk een langdurige biecht houdt over zijn leven. Lange tijd bleef me onduidelijk waar hij met zijn verhaal naar toe wil. Is het een pleidooi of een aanklacht? Wat is de zin van zijn verhaal? Wie is de persoon tegen wie hij spreekt?
Aan het einde worden deze vragen wel beantwoord maar voordat het zover is wijdt de hoofdpersoon uit over allerlei zaken. Ook brengt hij de luisteraar/lezer op dwaalsporen over de uiteindelijke richting waar hij met zijn biecht naar toe wil.
Diverse beelden zijn erg mooi. De vergelijking van de grachtengordels van Amsterdam met de ringen van de hel van Dante waarbij de centrale ring met zijn rosse buurt de diepste ring is waar de allerergste misdaden worden begaan, is daar één van.
Ook de drang van de hoofdpersoon om steeds op de hoogste punten te zijn (bergen, de brug van een schip) vanwaar het natuurlijk diep vallen is en zijn keuze voor Nederland, het meest vlakke land ter wereld, is goed gevonden.
Een boek om nog een keer te herlezen om er meer in te ontdekken, denk ik. "De Pest" en "L'Étranger" van Albert Camus vond ik allebei prachtige boeken en hij zal toch niet voor niets de Nobelprijs hebben ontvangen. Misschien toch iets gemist.

woensdag, augustus 02, 2006

Vladimir Nabokov: Heer, Vrouw, Boer

Dit al behoorlijk oude boek van Vladimir Nabokov uit 1928 en geschreven in Berlijn doet in eerste instantie denken aan "The Postman Always Rings Twice" van James M. Cain. De boer uit de titel is een arme neef uit de provincie van de heer, een warenhuiseigenaar in Berlijn. Hij, de boer, ontmoet het stel in de trein naar Berlijn als ze elkaar nog niet kennen en krijgt nadat hij bij aankomst is aangenomen in de zaak van de heer, al snel een verhouding met de vrouw van de heer. De verhouding wordt steeds intenser en het plan rijpt om de heer om te brengen. Hoe dit echter aan te pakken? Zij is een ontevreden femme fatale die meer uit verveling dan uit liefde de verhouding start en hij een onzekere provinciaal die opkijkt tegen de vrouw. Gif, een pistool en verdrinking komen als mogelijkheden voor de geplande moord aan de orde, maar alle mogelijkheden hebben hun nadelen.
Vooral als in de loop van het verhaal het gevoel steeds sterker wordt dat de plannen van de boer en de vrouw gedoemd zijn te mislukken word je benieuwder naar het slot. Het beoogde slachtoffer is een mooi weergegeven schertsfiguur die maakt dat de toon van het boek steeds licht blijft. Een met zichzelf ingenomen ijdeltuit die in zekere zin verdient om vermoord te worden want hij houdt absoluut niet van zijn vrouw. Zijn twee tegenstanders zijn de zelfzuchtige dame die om het geld getrouwd is en de in eerste instantie erg sullige neef die zich ontwikkelt tot een handig verkoper maar die toch ook niet is opgewassen tegen machinaties van de heer en de vrouw.
De ontknoping is als altijd bij Nabokov verrassend en zal ik hier niet verklappen, maar het is een grappig en spannend verhaal dat tot het einde blijft boeien.
Omslagillustratie: Dick Bruna