zaterdag, september 30, 2006

Onverwachte ontmoeting

Ik fiets naar Schoonhoven door het Loetbos. In een bocht in de weg ligt in het water dat langs de weg meeloopt, op een plaats waar het water even wat breder is, een groepje roeiboten. Te huur. Ze liggen kris-kras in het water, grijs op grijs. Even twijfel ik of ik een foto van het groepje roeiboten zal maken. Het is nog vroeg in de avond en ik ben op weg naar de voorstelling van Arto Post Laboro, Huize Horror. Ik fiets snel door want ik wil niet te laat komen en ik maak een goede tijd, de snelste tijd tot nu toe, één uur en vijfentwintig minuten. Ruim op tijd kom ik aan.
In de foyer is het druk en heet, buiten op straat was het heerlijk koel, hier is het drukkend warm. Ik sta aan de bar en bestel een koffie. Dan komt de actrice die ik uit de groep gestuurd heb binnen. Van alle zes avonden waarop het stuk speelt kiezen we toevallig allebei dezelfde. Zij is de laatste die ik hier verwacht. Ze kijkt vanuit een ooghoek naar mij en ik doe hetzelfde. Als ze aan de bar staat om koffie te bestellen groeten we elkaar formeel. Ik heb geen zin in excuses, geen zin in een gesprek. Geen zin in een ruzie. De hele avond ontwijken we elkaar. De foyer is klein en het is moeilijk elkaar te ontlopen. Toch doen we beiden ons best dat te doen. Net als de bootjes in het water beweegt iedereen in de foyer kris-kras door elkaar. Dobbert ongecoördineerd heen en weer.
Na de voorstelling spring ik snel op mijn fiets, het is nog een lange tocht terug. Rechts van me is hoog boven de wolken een onweer aan de gang. Gelukkig komt het niet dichterbij en gaat het niet regenen. Ik twijfel of ik in Lekkerkerk een café binnen zal lopen om even te pauzeren. Ik verwerp de gedachte, durf aan de ene kant niet goed in mijn eentje een onbekend café binnen te lopen, aan de andere kant wil ik opschieten. Tijdens de voorstelling heb ik last gekregen van mijn keel en ik voel me niet helemaal lekker.

vrijdag, september 29, 2006

Verboden Liefde

Vandaag weinig tijd om te schrijven, daarom alleen link naar de demo van het nummer "Verboden Liefde" waarover ik onlangs in Knippen en Plakken schreef.

Luister hier naar Verboden Liefde

donderdag, september 28, 2006

Moeder aller studenten

's Ochtends trek ik mijn nette pak aan, mijn trouwpak, en vraag me af waarom ik het niet vaker draag. Ik loop graag in een pak, voel me absoluut niet opgeprikt, maar trek meestal iets makkelijks aan. Op mijn werk is iedereen net als ik feestelijk gekleed. Het is een bijzondere dag. De moeder aller studenten vertrekt van de universiteit. De studentendecaan met de grootste naam en faam gaat na 31 jaar met pensioen. Tijdens de lunch, het er op volgende symposium en de borrel zien we de lieve moeder. Meer dan tien jaar geleden heb ik voor haar gewerkt en ook de boze stiefmoeder gezien. Juist met haar oprechte woede wist ze veel te bereiken. Ze kon zich tot in het diepst van haar grote hart kwaad maken en daarmee ijzer breken. Misschien wel meer bereiken dan welke andere decaan dan ook. Bij het college van bestuur en bij de rector magnificus. Daarom is het de hele dag zo afgeladen vol. De moeder aller studenten heeft studenten aan zich gebonden. Gehandicapte studenten, corpsballen, topsporters, voorzitters van de verenigen en vooral allochtone studenten. Aan het einde van de middag houdt ze een bescheiden speech die haar siert. Niet zij heeft dit alles bereikt maar de studenten die iets wilden. Zij was slechts het intermediair. Ik ben trots dat ik voor haar heb mogen werken en vind het jammer dat deze markante figuur nu verdwijnt.

woensdag, september 27, 2006

Vooruitgang


Niet alleen met Narisk maar ook in Schoonhoven bij Arto Post Laboro boek ik veel vooruitgang. Met mijn klucht "Hotel Belvédère" van Goerges Feydeau. Het lijkt er op alsof sinds er vier kleine meisjes in de groep zitten, de volwassenen ook gedisciplineerder werken. Een goede indruk op de kinderen willen maken. Vorige week heb ik uit negen meisjes vier geselecteerd om de dochters van mevrouw Mathieu te spelen. Ik heb een aantal oefeningen met hun gedaan en het was me snel duidelijk welke vier over het meeste talent beschikken. Met deze meisjes erbij kan het stuk volwaardig geoefend worden. We doen het tweede bedrijf helemaal en ook de mannelijke hoofdrolspeler heeft duidelijk zijn best gedaan om de tekst in zijn hoofd te stampen waardoor zijn spel uitstijgt boven wat hij tot nu toe heeft laten zien. Ik heb nog een aantal spelers die moeite hebben met het decor en met het feit dat ze het hele stuk lang achterop het podium moeten zitten als ze niet aan de beurt zijn, maar ook dat komt goed, dat weet ik zeker.
Illustratie: poster van de film "Hotel Paradiso" naar hetzelfde stuk van Feydeau met Alec Guinness en Gina Lollobrigida in de hoofdrollen

maandag, september 25, 2006

De Schuilkelder # 02

Ik heb een tiental improvisaties voorbereid voor Narisk en we werken verder aan ons stuk over de schuilkelder. Opnieuw veel komische situaties. Ik heb vier thema's gekozen: honger, hitte/koude, seks en claustrofobie. Twee aan twee wordt geïmproviseerd met de vijf karakters die iedereen bedacht heeft. Om de karakters verder uit te werken en om de verschillende situaties in een schuilkelder te onderzoeken. Natuurlijk is de ene situatie fijner om mee te werken dan de andere, maar er zijn veel geweldige momenten.
Na de repetitie vertel ik de spelers van Narisk over het persoonlijk arrangement van de vier elementen (vuur, water, lucht en aarde) zoals bedacht door Helmert Woudenberg. Ik geef hun de opdracht voor de volgende keer een persoonlijk arrangement te bedenken bij hun personages. En laat hen nadenken over hun eigen persoonlijke arrangement. Dat bestaat uit een etalage, een bijrijder, een privé en een onaangepast element. Ik vertel erbij hoe ik denk dat ik zelf in elkaar zit volgens deze theorie (aarde-etalage, lucht-bijrijder, water-privé, vuur-onaangepast).

zondag, september 24, 2006

Ashura

Ashura is de tiende dag van de maand Muharram. De dag dat Adam en Eva werden verdreven uit het Paradijs. Ook is het de dag dat Noach's tocht met de ark eindigde. Van de laatste resten eten die nog aan boord waren maakte hij een gerecht, dat gerecht heet daarom Ashura. Het is tevens de titel van een voorstelling van het Theater van de Vijfde Straat, een groep uit Istanboel die in het kader van De (Internationale) Keuze van de Schouwburg optreedt in de Rotterdamse Schouwburg. Het toneelbeeld is sober. Over de vloer verspreid staan flessen water met een rood lint er om heen, verder is alles kaal. Dan gaat de grote laaddeur achterop het podium open, een fel licht schijnt de zaal in en in tegenlicht komt een groep mensen op. Iedereen heeft een stoel bij zich, vijf van de negen hebben ook instrumenten. Een gitaar, een banjo, een staande bas, een grote trommel en een klarinet. Ze nemen allen plaats op een stoel, verspreidt over het podium. Vervolgens begint een reeks liederen, van tijd tot tijd staan de spelers op, nemen hun stoel op, verplaatsen zich en nemen in een nieuwe constellatie plaats. In de tekst wordt steeds een lijst gegeven van de talen die gesproken worden en door welk percentage van de bewoners van Turkije. Tussen 1900 en nu neemt het percentage Turks sprekende mensen toe en alle andere talen worden langzamerhand weggedrukt, verdwijnen. In deze verdwijnende talen worden de liederen gezongen, soms geïllustreerd door een beeld, bijvoorbeeld als de actrice die achter elkaar een paar flessen leegdrinkt. Het eindbeeld is dat bij alle spelers de mond gesnoerd is. Er kan geen lach af in dit serieuze stuk, maar het is in al zijn simpelheid en bevlogenheid een indrukwekkend stuk over verlies van eigenheid.

zaterdag, september 23, 2006

Lost Chord Radio

De vijfde voorstelling die ik van Wunderbaum zie is Lost Chord Radio. Ik maakte kennis met de spelers van JongHollandia, die later de spelers van Wunderbaum zouden worden, in Delft. Ik werkte in Delft bij het Studium Generale daar en er was een jong groepje acteurs onder de vleugels van Zuidelijk Toneel Hollandia dat een voorstelling over techniek wilde spelen op locatie op de technische universiteiten van Nederland. De voorstelling heette Pixels en was al met veel succes gespeeld in Eindhoven, de toenmalige thuisbasis van de groep. Ze waren vanuit Eindhoven doorverwezen naar ons en wij ondersteunden ze met ons copieerapparaat en het gebruik van onze telefoons om alles te regelen. Als dank kreeg ik een vrijkaartje voor de voorstelling in een oud en verlaten gebouw op het terrein van de universiteit. Ik ging er heen en werd onmiddellijk fan. Ik was gegrepen door de bevlogenheid van deze jonge spelers die, zonder regisseur, op basis van improvisaties, voorstellingen maken over de actualiteit, de wereld nu. Niet alles zag ik maar uit elke voorstelling is me wel een indrukwekkend beeld bijgebleven. De Rotterdamse Schouwburg gaf nu de gelegenheid een aantal voorstellingen nogmaals te zien. Een drukke agenda verhinderde me ze allemaal te zien maar ik ga met vrouw en kinderen naar Lost Chord Radio van Wunderbaum i.s.m. de rockband Kopna Kopna. Ik val vooral voor de charme van bardame Tess (gespeeld door Marleen Scholten, zie foto), die langzaam en halfdronken haar zinnen voordraagt. Wie meer wil meten over de inhoud van de voorstelling en waar en wanneer die nog gespeeld wordt (in België), klik op de link.

Cool and evolving

Een dag na het zoencollege ben ik in Rotterdam bij ons eigen Studium Generale-programma over jazz getiteld Cool and Evolving. Dit is net als de dag ervoor een bijzonder programma, niet omdat hier negerzoenen worden uitgedeeld zoals gisteren, maar omdat hier een jazztrio in de collegezaal staat opgesteld om de lezing van muzikaal illustratiemateriaal te voorzien. Het gaat om jazz voor managers and the managed. De lezing is in het Engels en wordt gehouden door prof.dr. Slawomir Magala, professor in intercultureel management aan de Erasmus Universiteit. Een vrolijk en opgewekt heerschap dat zijn lezing illustreert met beelden van schilderijen en jazzmusici. Het draait om de vraag of geïmproviseerd management (zoals in de jazz) de toekomst is. Tegenover de oude vorm van management die georganiseerd is als een symfonie-orkest, hiërarchisch met de dirigent als leider aan de top van de pyramide. Het verhaal is helder alleen aan het einde als de conclusie zou moeten komen gaat het verhaal een beetje als een nachtkaars uit. Wat de zin is van en welke keuzes ten grondslag liggen aan de muzikale illustraties bij de lezing word me niet duidelijk. Een drietal standards van Miles Davis, Louis Armstrong en George Gershwin en afsluitend een totaal onbekend nummer, de titelsong van de film Rosemary's Baby van Polanski. De zangeres waarvan in het Studium Generale-programma een 'n' mist, mist zelf enkele noten, het trio doet bekwaam zijn werk. De volgende dag fiets ik langs de supermarkt en zie door het poortje de pianist waar het trio naar vernoemd is, Henk van Galen, in het felle zonlicht naar buiten fietsen. Hij heeft een baard, volgens de mevrouw van het zoencollege niet populair in Nederland. Twee derde van de Nederlandse vrouwen heeft liever geen man met een baard. In tegenstelling tot Irak. Daar geldt: een man zonder baard is als een ei zonder zout.

donderdag, september 21, 2006

Jij

Er was eens een lief klein liedje dat "Mama moet komen" heette en gezongen werd door Raymond van het Groenewoud. Een liedje van een kind voor zijn moeder. Geïnspireerd door dit nummer wilde ik ook een lief en eenvoudig nummer schrijven, niet voor mijn moeder, maar voor mijn vrouw. Een simpel akkoordenschema en een makkelijke tekst. Daarom schreef ik het nummer "Jij". Als we het in de repetitieruimte met de band speelden werd het al snel clichématige jazz, vooral door de drums en de Toots Tielemansachtige mondharmonica. Gisteravond zag ik mijn kans schoon. Slechts met z'n vieren in de studio, zonder drummer en mondharmonicaan namen we een simpele versie op. Zonder soli, alleen een gitaar, een staande bas, zang en een half nummer lang hammond-orgel. Zoals het mijns inziens hoort.

Luister hier naar Jij en oordeel zelf.

Illustratie: Marit Törnqvist

woensdag, september 20, 2006

Zoencollege

Onverwachts kom ik bij Studium Generale Eindhoven terecht in een zoencollege. Dieke van Ewijk vertelt de toehoorders haar verhaal over alle aspecten van het zoenen. Begonnen op de Parade met het Zoenmuseum reist ze nu het land door met haar college. Meer een actrice dan een wetenschappers lepelt ze een groot aantal feiten en feitjes op begeleidt door een diashow in powerpoint. Zo komen we te weten dat mensen van het sterrenbeeld boogschutters tot de zoenkampioenen behoren, dat kreeften niet willen ophouden met zoenen (waarover ik uit ervaring met eigen echtgenote kan meepraten) en dat weegschalen (ikzelf) teveel nadenken over ademhaling en techniek om goede kussers te zijn. Tijdens de drie kwartier durende voordracht leer ik dat zoenen er voor zorg dat je er jonger uit blijft zien, dat je er van afvalt en dat je langer leeft. Het blijft over het geheel genomen amusant maar verder erg oppervlakkig. Een visie op het zoenen ontbreekt. Tenslotte betrap ik haar nog op een kleine fout. In de door haar gepresenteerde reeks sprookjeszoenen noemt ze als wonderzoenen, zoenen die een wonder teweeg brengen, de zoen van de prins en Doornroosje. Dit is echter geen wonderzoen zoals de zoen die Sneeuwwitje tot leven wekt. De prins komt toevallig precies op tijd, het moment dat de honderd jaar slaap voorbij zijn. Kwestie van de juiste man op de juiste plaats.

dinsdag, september 19, 2006

De schuilkelder # 01

Met Narisk oefenen we voor een improvisatiestuk dat zich afspeelt in een schuilkelder. Ik doe drie oefeningen. Eerst één waarbij een stomme vrouw zich voegt bij de vier anderen in de schuilkelder. Zij willen weten hoe het buiten is, zij kan het hun niet vertellen. De tweede is dat twee bewakers drie vrouwen die samen een gedeelte van de schuilkelder bewonen willen verkrachten omdat ze al wekenlang geen seks meer hebben gehad en wel de macht hebben. In de derde oefening komt een vrouw met een radio de schuilkelder in. Een actrice speelt de radio. Deze laatste is de minste, maar de andere twee leveren een schat aan ideeën op. Sommige ideeën zijn geïnspireerd op situaties uit het gekkenhuis in De Stad der Blinden dat ik juist gelezen heb. Na deze drie improvisaties werk ik nog aan een voorstelrondje om tot karakters te komen. Vooral het karakter van Niels bevalt me. Een soft en zweverig type. Ferrie heeft in eerste instantie moeite om los te komen van zijn figuur uit het vorige stuk. Nienke is overdreven optimistisch en kleuterleidster. Liesbeth speelt een heel timide vrouw, maar is zelf niet tevreden over haar karakter, wil liever een onverschillig iemand spelen. Cindy wilde een superbitch spelen maar speelt een enigszins met haar vorige rol vergelijkbaar type. Dit is slechts het begin.
In het café praten we enthousiast na en bedenken zelfs nog een nieuwe scène over de namen van ooms en tantes. "Heb jij een ome Cor?" "Nee, wel een ome Kees!"

Nacht

Midden op straat staat een stevige man. Hij heeft een rood T-shirt aan waarop het woord Dunlop staat. Hij is behoorlijk bezweet. Zijn vettige haar heeft diepe inhammen en zit achterovergeplakt op zijn hoofd. Hij wenkt me en spreekt me aan. Ik ben op de terugweg van een fijne repetitie waarna ik lang, drie glazen rode wijn lang, ben blijven hangen in het café. Of ik hem vijf euro kan lenen voor benzine. Morgen zal hij het terugbrengen met een krat bier, belooft hij. Ik lach. Eigenlijk lach ik hem uit, maar in mijn spontaniteit is het niet beledigend. Ik schud nee, en mijn lippen vormen onhoorbaar het woord nee. Heel even ben ik bang dat hij zich beledigd zal voelen en me aan zal vliegen. Maar hij lacht vriendelijk terug en haalt zijn schouders op. Als ik doorfiets en omkijk zie ik hem vrolijk zijn hand opsteken naar iemand in de flat langs de kant van de weg.

zondag, september 17, 2006

De Stad der Blinden

In De Stad der Blinden van José Saramago wordt iedereen (in Lissabon?) plotseling en om onverklaarbare redenen blind. Het is een meeslepend, enerverend en bijna obsessief geschreven boek. Lange zinnen, zonder punten, soms zonder hoofdletters, slepen de lezer mee in een verhaal dat gaat van kwaad tot erger om uiteindelijk toch nog positief te eindigen. De opbouw deed me denken aan La Divina Commedia van Dante, eerst de hel in, een gekkenhuis waar de eerste blinden worden opgelsoten in afwachting van een genezing of een geneesmiddel. Daarna worden de blinden bij het verlaten van het gekkenhuis gezuiverd in een Purgatorium, door het vuur en door het water, om tenslotte te eindigen in een soort van hemel. Eén van de hoofdfiguren is een oogarts die wordt geleid door zijn vrouw, de enige in de stad die niet blind is geworden. Hij komt met zijn vrouw in één van de slotscènes terecht in een kerk waar alle beelden geblinddoekt zijn en waar op alle schilderijen van de afgebeelde figuren de ogen met een streep witte verf zijn afgedekt. Als ze daarna naar huis terugkeren komt een einde aan de hel op aarde, een einde aan de straf (?) met de wonderbaarlijke genezing van de blinden. Even wonderbaarlijk als ze plotseling geslagen werden door de ziekte wordt de vervloeking opgeheven. Heeft het verhaal te maken met schuld en boete zoals zovelen van de blinden denken? Of zijn wij net als de blinden in het boek allemaal blind, voor de oorzaken en voor hoe wij in werkelijkheid zijn? Want in hoeverre verschillen de blinden van de zienden?

Knippen en plakken

Op de vergadering met mijn band waarover ik onlangs schreef, is afgesproken dat ik van een aantal nummers zal proberen een demo te maken. Dat doe ik met het programma Garageband dat in mijn Apple-computer zit. Ik neem me voor een drietal nummers te doen, Jij en Première Soirée, maar ik begin met Verboden Liefde. Over dit nummer heb ik al eerder in dit weblog geschreven en de tekst er van gepubliceerd. Het is een heerlijk karweitje. Echt ouderwets knutselen, knippen en plakken, maar dan met de computer. Alle instrumenten zitten in het programma. Alleen de acoustische guitaar en de stem neem ik live op met een microfoon. Een hele middag, 's nachts en vanochtend ben ik druk bezig met dit acoustische broddellapje. In het programma zitten mooie samples, ik plak noten op de juiste toonhoogte en op de juiste plaats. Ik hou in de gaten dat het nummer nog enigszins door een live-band gespeeld kan worden, wat betreft de hoeveelheid instrumenten die tegelijk spelen en wat betreft de soort instrumenten. Maar het spannendste komt nog. Als ik het ga laten horen aan de andere bandleden.

vrijdag, september 15, 2006

Ravel

Enige tijd geleden schreef ik in Wie goed schrijft... over het één na laatste boek van Jean Echenoz, Au Piano. Nu ligt er een briefje op mijn bureau. Het boek Ravel ligt voor me klaar bij de balie van het Leeskabinet. "Ce roman retrace les dix dernières années de la vie du compositeur français Maurice Ravel (1875-1937)." staat achterop maar is stiekem een zelfportret van Echenoz als Ravel. Ze hebben dit boek speciaal voor mij aangeschaft, of in ieder geval op mijn verzoek. Als ze niet zouden verwachten dat anderen in dit boek geïnteresseerd zouden zijn dan hadden ze het waarschijnlijk niet voor mij alleen gedaan. Maar het ligt nu wit en maagdelijk voor me. Een boek van de bibliotheek, verschenen in januari dit jaar, voor mij, door nog niemand anders gelezen.

donderdag, september 14, 2006

Onderweg

Ik ben halverwege Rotterdam en Delft ter hoogte van De Zweth als mijn mobiel gaat. Het is de drummer. Hij vraagt me waar ik ben. Bij De Zweth, antwoord ik. En waar ik naar toe ga. Naar hem, is mijn antwoord. Wat ik daar ga doen. Ik kom bij je eten. Fiets maar naar de oefenruimte, is zijn antwoord, want ik heb geen eten. Op de achtergrond hoor ik stemmen. Ik meen de trompettist en de gitarist te horen. Maar de bassist komt ook, sputter ik tegen. Ik heb hem vanmiddag gemaild omdat hij vroeg of we om zeven uur bij de drummer moesten zijn. Zeker weten, was mijn antwoord aan de bassist. Ik heb ernstig het gevoel dat ik in de maling word genomen. Dat iedereen er al is en dat ik de laatste ben en dat ze daarom een grap met me aan het uithalen zijn. Maar dat blijkt niet het geval. De drummer denkt werkelijk dat we twee weken later hebben afgesproken. De vier andere bandleden en ik weten zeker dat het vandaag is. Gelukkig haalt de toetsenist, die later zou komen, in Den Haag eten van de Indonees. Waardoor het etentje niet in het water valt. Alleen de drummer eet weinig. Die had om zeven uur op de afgesproken aanvangstijd al een pizza op.

woensdag, september 13, 2006

Vergaderen met zijn vijven

Soms breng ik een hele dag door met vergaderen. 's Ochtends heb ik een vergadering met mijn collega's van Studium Generale, 's middags met het bestuur van het Theaterverzamelgebouw, 's avonds met het bestuur van theatergroep Rotjong. Bijzonder is dat we alle drie de vergaderingen met zijn vijven zijn. 's Ochtends is een collega afwezig die, in verband met haar ziekte het voornaamste onderwerp van gesprek is. 's Middags heeft de voorzitter per ongeluk een dubbele afspraak gemaakt waardoor die afwezig is en ik moet voorzitten en 's avonds moet de penningmeester verstek laten gaan. Is dit een wonder, een gelukkig of ongelukkig toeval? Wat is de symboliek van het getal vijf? Vijf is het atoomnummer van Boor, het tweede priemgetal en in China het geluksgetal en een hand heeft vijf vingers. Verder heb je de schijf van vijf, de vijfde colonne en zijn er de vijf boeken van de Thora. Verder zijn er vijf persoonlijksheidstrekken in de psychologie. Ik weet niet welke dat zijn, maar het zou kunnen dat de vijf deelnemers aan de vergaderingen elk een trek vertegenwoordigen. En dan rest de vraag of ik in elke vergadering dezelfde persoonlijkheid heb?

dinsdag, september 12, 2006

maandag, september 11, 2006

De Zwarte Sjaal

Novellen voor een jaar is de titel van de volledige en definitieve uitgave van de novellen van Luigi Pirandello (1867-1936), gepubliceerd in de tijdspanne van 1922 tot 1937. De dood van de auteur verhinderde de oorspronkelijke opzet: één verhaal voor elke dag van het jaar. Elke bundel, van de in totaal vijftien, draagt de titel van de eerste erin opgenomen novelle, vrijwel steeds een van de befaamste en belangrijkste van het enorme aantal door Pirandello geschreven verhalen.
De bundel De zwarte sjaal verscheen voor het eerst in 1922 te Florence. Ik lees dit boek in 2006. In mijn boekenkast staan de eerste veertien delen van de serie en ik dacht dat door het faillisement van de uitgever geen nieuwe delen waren verschenen. Tot ik dit boek in de bibliotheek zag staan. Nu blijkt dat zelfs het laatste deel, Maak dat je wegkomt, in 2005 is verschenen. Ik twijfel of ik deze twee delen nog wil hebben. Zou mooi zijn om de serie compleet te hebben. Ze lezen wil ik ze in elk geval. Ook deze bundel bevat weer enkele prachtige verhalen van de Italiaanse meester (het lijkt wel een reclametekst). Vooral het verhaal waarin een jong meisje met een oude man moet trouwen is een klein juweeltje. En het verhaal "En nog één" over een man die getuige is van de zelfmoord van iemand die van de brug springt. Twijfels, twijfels, twijfels...

zondag, september 10, 2006

Twee festivals

In Rotterdam vinden momenteel twee internationale festivals tegelekijertijd plaats. In Lantaren/Venster de tweede editie van het Europafestival, dit keer met als thema de UK, in de Rotterdamse Schouwburg de vijfde editie van De (Internationale) Keuze van de Schouwburg. Op vrijdag bezoek ik het eerste, op zaterdag het tweede festival.
Voices, van de Bonachela Dance Company dat ik vrijdagavond zie, is een avondvullende voorstelling vol contrasten, waarin het gebruik, de betekenis en de kracht van de stem centraal staan. Het tweede stuk van het tweeluik is vooral imponerend. Een onderzoek (i.s.m. met componist Matthew Herbert) naar de grenzen tussen mensen en hoe het gebruik van de stem het verschil kan maken tussen kracht en zwakte. Er is een monoloog van een Irakese vluchteling, er is een krachtig toneelbeeld met beelden van de grens tussen Noord- en Zuid-Korea. Het eerste stuk is een reis door Luciano Berrio’s compositie voor viool, tam-tam en ‘taped voice’. Dat is iets minder. Het lijkt nergens toe te leiden.
De volgende dag, zaterdag, is de première van Richard III van het rotheater. In het begin kan het me niet helemaal boeien, even ben ik bang af te haken, maar uiteindelijk zien we een prachtige voorstelling. Het toneelbeeld is een soort van gigantische bunker waarin de personages zich bewegen. Aan de achterwand hangen verschillende kledingstukken aan knaapjes die met een katrol naar beneden en naar boven getrokken kunnen worden. In een hoek ligt een meer dan levensgroot paard van pluche met de ingewanden er uit. Een verwijzing naar het einde van het stuk, naar de beroemde regels: een paard, een paard, mijn koninkrijk voor een paard. (Deze regel staat volgens mij foutief gespeld in de folder, met koningkrijk i.p.v. koninkrijk, of is dit nieuwe spelling?) Alle bijrollen worden gespeeld door zes acteurs die met behulp van de kleding aan de achterwand van rol wisselen. Er zijn een aantal mooie effecten, de man die aan de tafel wordt vastgemaakt met vershoudfolie, de gigantische babykoppen van de kroonprins en zijn broertje, maar hoe soberder het wordt, hoe verstilder, hoe meer de spanning in het stuk toeneemt.
Tegen de tijd dat het pauze is wil ik dat ze niet meer stoppen, liever dat ze doorgaan. Na de pauze speelt het ensemble fantastisch en de sterren van de hemel. Even is Guus Dam zijn tekst kwijt, maar dat geeft al niet meer. De spanning van de première. Aan het einde is er een daverend applaus, vooral voor Rogier Philipoom die zijn eerste grote hoofdrol speelt, maar eenmaal in de foyer blijkt dat de meningen in de zaal verdeeld zijn. Niet iedereen heeft de prachtige voorstelling gezien die ik zag.

zaterdag, september 09, 2006

Koken zonder kopzorgen

Menu 246
Gevulde paprika's met rijst, tomatensla

Sinaasappel


4 personen

GEVULDE PAPRIKA’S MET RIJST

bereidingstijd: 30 minuten


4 grote groene paprika's / 2 theelepeltjes boter / 400 gram mager rundergehakt / versgemalen zwarte peper / zout / 1 klein fijngesnipperd uitje / 12 fijngehakte zwarte olijven / 2 eetlepels fijngehakte peterselie / 1 eetiepel fijngehakte bieslook / 2 eetlepels geraspte Parmezaanse kaas / 2 eetlepels rozijnen / 3 eetlepels olijfolie 4 ansjovisfilets 4 plakjes tomaat / 250 gram langkorrelrijst / 2 eetlepels tomatenpuree 1/2 liter of iets meer kippebouillon


Snijd de kapjes van de paprika's. Verwijder de zaadjes en zaadlijsten. Zet de paprika's 5 minuten in een pan met kokend water, waaraan wat zout en 1 eetlepel olijfolie is toegevoegd. Laat ze vervolgens goed uitlekken. Leg onder in de paprika's een theelepel boter. Verhit in een koekepan 2 eetlepels olijfolie. Fruit hierin eerst het uitje glazig. Doe dan het rundergehakt erbij en bak dit kruimelig. Neem de pan van het vuur en meng de olijven, rozijnen, peterselie, bieslook, peper, zout en de geraspte kaas erdoor. Vul de paprika's met dit mengsel. Leg op elke paprika een ansjovisfilet en een plakje tomaat. Roer de tomatenpuree los met een halve liter bouillon. Doe de rijst in een ruime pan en roer de tomatenbouillon door de rijst. Zet de paprika's rechtop in de rijst. Giet er zo veel bouillon overheen dat de rijst 1 vingerkootje onder staat Doe het deksel op de pan en laat het vocht aan de kook komen. Als de stoom onder het deksel uit komt, het vuur op z'n allerlaagst zetten en in ongeveer 20 minuten gaar laten worden. Dien meteen op.

Uit: Berthe Meijer, Koken zonder kopzorgen, pag.282. Dit is ongeveer mijn lievelingskookboek en dit gerecht heb ik gisteren voor het eerst klaargemaakt. De rijst was in twintig minuten net niet helemaal gaar, maar misschien iets te weinig water gebruikt. De gerechten zijn verdeeld over de twaalf maanden, zijn zonder plaatjes en makkelijk en moeilijk staat door elkaar en alles is even lekker. Op de foto: Berthe Meijer zelf in 1995, achterop de vernieuwde herdruk van dit boek uit 1980.

vrijdag, september 08, 2006

Zingen op de fiets

Toen ik als teenager kranten bezorgde zong ik altijd op de fiets. Mensen vroegen me dan of ik vrolijk was. Terwijl ik zowel zong wanneer ik vrolijk was als wanneer ik droevig was. Zelfs nu heb ik het idee dat ik eerder zing wanneer ik bedroefd ben dan wanneer ik vrolijk ben. Als uitlaatklep. Daarom zijn de liedjes die ik zelf schrijf meestal langzaam en droevig, een uitzondering daargelaten.
Tegenwoordig fiets ik meestal met muziek in mijn oren vanuit een mp3-speler. Vandaag fietste ik naar het postkantoor om me verplicht te legitimeren en luisterde onderweg naar David Bowie. Vroeger zou ik zelf gezongen hebben. Nu zou dat er belachelijk uit hebben gezien. Een vijftigjarige man zingend op de fiets. Toch zing ik vaak stiekem zachtjes mee met de liedjes die ik nog steeds allemaal uit mijn hoofd ken.

donderdag, september 07, 2006

Papagaai

De vrouw-met-de-snor in het personeelsrestaurant, de jongens van de band, mijn werkstudent, de-onbekende-buurvrouw in de Plus, mijn collega's, iedereen vraagt me naar het verhaal van mijn val op het plaveisel. Ik lijk net een papagaai, steeds opnieuw vertel ik hetzelfde verhaal. Ik hoor allerlei horrorverhalen over anderen. Hoe die nog ernstiger ten val zijn gekomen dan ik.
Ik lees in Erasmus Magazine een artikel over cultuursocioloog Dr. Dick Houtman. "Domme pech bestaat niet meer" is de titel. "Zodra er iets mis gaat, wordt keer op keer de vraag gesteld: wie had dit moeten voorkomen? Als er een ongeluk gebeurt, dan is er iemand die faalt." Als dingen tegenzitten is dat de schuld van anderen, als alles goed gaat heb je dat aan jezelf te danken. Ik ga onmiddellijk op zoek naar een schuldige. Niet ik ben dom geweest door 's nachts over een naar beneden aflopend en hobbelig trottoir te rijden. Nee, degene die het trottoir moest onderhouden is de boosdoener. Als de tegels netter hadden gelegen was dit niet gebeurd.

Martin Bril

Weinig tijd, daarom even een kort bericht. Eén van mijn favoriete weblogs is dat van Martin Bril. Iedere dag een mooi kort stukje, een dagelijkse column.
Geïnteresseerd? www.martinbril.nl

woensdag, september 06, 2006

De val

Als ik door de nieuwe woonwijk op weg naar huis skate breekt de maan door de wolken. Het is een mooie ronde heldere maan. Ik skate verder over het bedrijventerrein, langs de volkstuinen, waarbij ik oppas omdat het op sommige plaatsen erg donker is op het fietspad en ik geen zicht heb op eventuele hobbels in het wegdek. Ik kom langs het terrein van de kazerne dat er om deze tijd, rond kwart over twaalf, altijd spookachtig verlicht en verlaten eruitziet.
Dan kies ik het paadje langs de tramhalte. Meestal rijd ik om de tramhalte heen en rijd dan over het brede trottoir van mijn eigen straat naar huis. Ik steek voorzichtig de tramrails over om niet te vallen. Dan ga ik het laatste stukje het schuin aflopende en hobbelige paadje af. Ik ben bijna thuis.

Dan kom ik ten val.

Een opstaande stoeptegel maakt dat ik mijn evenwicht verlies en recht naar voren val. Ik probeer mijn evenwicht te bewaren en mezelf tegen te houden met mijn handen. Ik heb teveel vaart. Mijn hoofd en neus slaan tegen de stoeptegels. Ik voel bloed uit mijn neus komen. Ik blijf zitten op mijn knieën en handen en trek mijn hoofd in op het bloeden van mijn neus te doen ophouden. Zo blijf ik enige tellen, in deze vernederende houding, op de stoep zitten. Een paar Marokkaanse jongens staan een eindje verderop bij een auto. Een jongen vraagt of hij me moet helpen. Ik roep dat ik alleen maar een bloedneus heb. Als het bloeden minder is geworden sta ik op. Ik draag zorg dat ik geen bloed mors op mijn lichte broek. Ik loop langzaam richting huis. De andere jongen vraagt of ik een doek nodig heb. Ik ben minder dan vijftig meter van mijn voordeur. Ik bedank hem en zeg dat het niet nodig is, dat ik bijna thuis ben. Ik denk nog steeds dat ik enkel een bloedneus heb. Ik zie er niet uit, dat voel ik, maar echt veel pijn voel ik niet. Mijn handen zitten onder het bloed en mijn gezicht ook. Ik zoek de sleutel in mijn tas en heb even moeite met het vinden van het sleutelgat. Er brandt volop licht in huis. Mijn vrouw is nog op. Ik roep dat ze niet moet schrikken. Zo kom ik binnen. Mijn vrouw helpt me mezelf schoon te maken. Dan kijk ik in de spiegel in het toilet. Mijn voorhoofd en mijn neus zitten onder het bloed.

maandag, september 04, 2006

Atelier

Het atelier bevindt zich boven de boksschool. Als ik rond half twee 's middags aanbel duurt het lang voordat er een antwoord komt. Ik bel nogmaals. Dan hoor ik een stem vanuit de intercom. De schilder moet nog onder de douche. Is net wakker geworden. Ik loop een rondje over het marktje op de Albert Cuyp. Een gitariste met een raar Donald-Duckachtig stemmetje trekt mijn aandacht. Ik maak een foto van haar. Na een minuut of tien ga ik terug en bel opnieuw aan. Er wordt opengedaan en ik loop de gang in. Naast de ingang staat een groot beeld van een zwarte bokser. Ik ga rechtsaf de trap op en kom in het atelier. Vroeger was de kunstenaar een autoriteit op het gebied van venture capital, nu is hij kunstschilder. Sinds een dag heeft hij al zijn afspraken afgezegd en zich volledig toegelegd op de abstract-expressionistische schilderkunst. Grote doeken van 1 bij 1 meter. Hij moet ontzettend rijk zijn dat dit kan. Vroeger speelden we samen in dezelfde band. Tegelijk heeft hij nog veel van een zakenman. Hij rookt nog steeds veel. Hij heeft slechts even tijd voor me. Zometeeen moet hij naar Schiphol om te vertrekken naar China waar hij op atelierbezoek gaat. We praten anderhalf uur. Over kunst, muziek, theater, kinderen en verf. Dan moet hij inpakken en loop ik de straat op. Ondanks de verstreken jaren was het een fijn gesprek. Ik neem me voor het contact te onderhouden, weet nooit zeker of dat me lukt. Nog een paar vragen zingen in mijn hoofd terwijl ik over de markt terugloop naar de tramhalte. Is hij nog steeds getrouwd? Woont hij in zijn atelier? Ik wandel door de brede straten van Oud-Zuid naar het Concertgebouw. De zon breekt door terwijl ik tien minuten wacht op de volgende tram.

zondag, september 03, 2006

Voorbereiding

Aan een tafeltje in de kantine van het Olympisch Stadion bereid ik mijn repetitie voor. Morgen begin ik aan een nieuw stuk met Narisk. Ik verzin opdrachten, een basisplot en een werktitel: Het Oslo-syndroom. Ook denk ik vast na over wat ik met mijn spelers wil bereiken. Ik hoop dat ze mijn ideeën goed gezind zijn maar zelfs als dat niet zo is dan weet ik dat we er uit zullen komen. Ik heb er vertrouwen in. Ik wil een zwaar thema, ontvoering, slavernij, onderwerping, op een lichte manier behandelen. Met veel humor.
Illustratie: twee vrouwen aan een kantinetafeltje

zaterdag, september 02, 2006

Wijnfles

Het etiket is klaar. Een kruising tussen modern en ouderwets is het geworden, Chateau l'Amour, l'amour pour toujours. Vanavond is het feest waarop de fles leeggedronken moet of kan worden.

vrijdag, september 01, 2006

Ober

De ober heeft een hekel aan zijn werk. In de zomer werkt hij in een pizza- en pide-restaurant in Dalyan. Hij komt uit het zuiden van Turkije en studeert voor computerprogrammeur in Istanboel. Hij heeft een prachtige donkere kuif en een swingend nonchalante manier van bewegen. Vorig jaar werkte hij achter een bar in een hotel, ook in Dalyan. Dat was beter. Rustig praten met mensen die je de volgende dag weer terugzag. Hier is het een komen en gaan. En zwaar werk. We beloven hem terug te komen. Niet voor het restaurant maar voor hem. Dat is "bullshit" volgens hem. Het eten is trouwens het goedkoopste wat we tot nu toe hebben gegeten en tegelijk erg lekker al heb ik niet exact gekregen wat de ober me heeft beloofd. In plaats van lamsvlees zonder been krijg ik lamskoteletjes met. Genoeg reden om terug te keren.
Dit is het zesde van een reeks artikelen over Dalyan in Turkije.