vrijdag, augustus 31, 2007

Woensdagavond

Le Palais, Belle-Ile-en-Mer
30 juli 2007

Op woensdagavond zijn alle winkels in Le Palais open en zijn er optredens op straat. Een nog niet zo oude man met baard en gitaar, type George Brassens, speelt liedjes die iedereen, van jong tot oud, meezingt voor een café. Er is een jongen met een accordeon die, samen met een meisje met een viool, liedjes zingt. De straten zijn afgezet met dranghekken en de politie houdt bij de hekken de wacht.

Voor de Typ'en Ar staan lange houten tafels met bankjes om op te zitten en binnen is een open podium aan de gang. Ik vraag de baas hoe het werkt en of dit iedere week gebeurt. Hij vraagt me of ik zin heb om iets te spelen. Nee, misschien volgende week, antwoord ik. Ik zou me dan moeten melden bij ene Luc en dan kan ik meedoen.
De sfeer is gezellig op straat. Maar sommige jongens zijn al aardig aangeschoten. Eentje zit op de grond, kijkt naar beneden en laat desondanks zijn flesje bier kapotvallen op straat. We drinken ons drankje op en lopen nog even naar de djembé-spelers die een vuurslingeraar bij zich hebben als extra attractie. Een grote groep mensen kijkt toe. We blijven even staan. Dan gaan we terug naar de tent.

In die woensdagnacht moet het gebeurd zijn. Het is uit de hand gelopen. De dronken jongelui hebben huis gehouden in het dorp. De politie heeft ingegrepen. Het café doen sluiten op last van de burgemeester. De avonden er na was me al opgevallen dat het café gesloten was terwijl er een concert was aangekondigd van Monsieur Melon. Pas op 5 augustus gaat het café volgens de plakkaten achter de ruiten weer open. Maar dan zijn wij al terug in Nederland. Weg stamcafé.

donderdag, augustus 30, 2007

Hond

Ik leg de meiden uit waarom ik hen ben komen halen, maar als wij met zijn drieën terug lopen ziet het er plotseling allemaal een stuk ongevaarlijker en vrediger uit en voel ik me enigszins belachelijk. Slechts een enkele voorbijganger loopt nog langs de kade. Mijn oudste dochter vraagt wat ik zou doen als we werden aangevallen en ik blijf het antwoord schuldig. Blaffen als de trouwe hond die ik ben? Ik breng hen tot aan het bospad bij de camping. De Jongen Met De Blauwe Gitaar die op hetzelfde moment op dit punt aankomt biedt me aan de fiets omhoog te tillen, het steile en duistere bospad omhoog. Hij is een van de vriendelijke jongeren die onze camping bevolken. Ik bedank hem vriendelijk en rijdt het stukje om. De meiden komen veilig thuis.

Illustratie: de hond van de buren

woensdag, augustus 29, 2007

Op straat

Le Palais, Belle-Ile-en-Mer
30 juli 2007

Om de een of andere reden had ik dit verwacht, hen hier aan te treffen na de opmerking van Jongste Dochter, maar het idee hiervoor blijkt geboren bij de Oudste en pas nadat wij waren vertrokken. We drinken een glaasje met hun en gaan met z'n tweeën naar huis. Zij komen later en krijgen van ons de opdracht om half een te vertrekken.
Als mijn vrouw en ik 's avonds laat langs de kade van de jachthaven lopen zijn we overal groepjes jongens rondhangen. Het lijkt ons allebei toch niet echt vertrouwd de meiden alleen naar huis te laten gaan. Bij ons allebei komt tegelijk hetzelfde idee op. Dus keer ik terug op de fiets.

Voor de deur staat de blonde jongedame die ons heeft bediend een sigaret te roken. Ik vraag aan haar of het veilig is voor mijn beide dochters om alleen naar huis te lopen. Ze zegt dat het redelijk veilig is, je moet alleen niet om twee uur naar huis fietsen, dat kan gevaarlijk zijn. Zelf fietst ze in haar eenthe na het werk om drie uur 's nachts naar huis. Ik vertel haar dat ze allebei nog jong zijn, veertien en zeventien jaar. Dan zegt ze dat het misschien toch verstandig is te blijven wachten. Dus wacht ik. Ik maak een praatje met de baas van de kroeg, een grote man met een baard en een paardestaart.

Enige tijd later arriveert een jongen met een kuif die een grote zonnebril draagt, midden in de nacht. Die blijkt als hij hem afneemt een pleister onder het oog te verbergen. Hij spreekt me aan, vraagt me wat ik er van vind. C'est mal, antwoord ik. Dan begint hij rap te praten. De baas van de kroeg vertelt hem dat ik hem toch niet kan verstaan omdat ik een Nederlander ben. Onmiddellijk slaat zijn stemming om. Nederland, het land van de weed. Kan ik hem niet wat opsturen? Hij wil me zijn adres geven, me een gratis rondleiding door de Citadelle geven. Ik vertel hem dat niet iedereen in Nederland gebruiker is. Het gesprek verwatert, hij vindt andere vrienden om mee te kletsen. Dan komen de beide meiden naar buiten, verbaasd mij hier aan te treffen. Ik vertel de jongen met de kuif dat deze twee dames ook Hollandaises zijn. Tegen hen begint hij hetzelfde lied als tegen mij, maar we vertrekken.

dinsdag, augustus 28, 2007

Stamcafé

Le Palais, Belle-Ile-en-Mer
30 juli 2007


Het weer is niet hetzelfde als vorige keer. In mijn herinnering was het toen elke dag mooi weer na een ochtendlijke bewolkte hemel, ditmaal vallen ook tussendoor buien en is het wisselvallig. 's Ochtends is het fris, 's middags meestal warm.
Toen ik gisterochtend langs ons stamcafé fietste zag ik allerlei plakkaten aan de binnenkant van de ruiten bevestigd. Het café is op last van de politie gesloten. Wegens overlast veroorzaakt door de klanten van het café en wegens het schenken van alcohol aan minderjarigen. De leeftijdsgrens is hier net als in Nederland zestien jaar. Het is zo'n leuk café, ons stamcafé Le Ty'pen Ar. Veel jongeren, veel rastafarikapsels, leuke muziek. (Ik vraag het leuke blonde meisje dat ons bedient wat het is en ze antwoord iets als Safarabara Barouf, het klinkt als een Franse cd die ik ooit van P. heb gekregen en waarvan ik me de naam niet kan herinneren, dat blijkt Sanseverino te zijn en misschien toch hetzelfde als wat het meisje zei.)
Met mijn jongste dochter loop ik op zondagavond het dorp in op zoek naar de discomuziek die van verre te horen is en dus ook op onze camping. Er is een feest (Nouvel R) in het Bois de Génies maar we hebben geen idee waar dat bos is. Dus gaan we op het geluid af met onze oren als kompas. Maar het weerkaatst tussen de bergen en lijkt de ene keer van links en dan weer van rechts te komen. Als we langs de haven lopen zie twee jonge meiden lopen aan de overkant van de weg. Ik spreek ze aan of zij een idee hebben waar de muziek vandaan komt. Zij denken dat het van een privéfeest afkomstig is en noemen een naam, iets met 'bleu'. Maar volgens hen is een eindje verderop een leuk café, De Nar versta ik. Het Bois de Génies vinden we niet, later vind ik het toch nog, maar die avond keren mijn jongste dochter en ik onverrichterzake terug. Ik stel haar voor om nog even naar het leuke cafeetje te gaan, maar ze wil liever terug naar de tent.
De avond er na vraagt ze of ik weet hoe dat cafeetje heet. Ik zeg Typ'en Nar want ondertussen heb ik het gezien en weet ik dat het niet zoals ik verstaan had. Zij heeft het ook gezien. Als mijn vrouw en ik later diezelfde avond het bewuste café binnenlopen zien we daar onze beide dochters zitten achter een glas Breizh Cola, Bretonse cola.

Terug op het eiland

Port Guen, Belle-Ile-en-Mer
29 juli 2007

Van te voren was ik enigszins sceptisch. Mijn vrouw had bedacht terug te keren naar Belle-Ile-en-Mer. Ik was bang snel uitgekeken te zijn. We hadden hier immers alles al gezien? Veel meer te ontdekken viel er niet. Het weerzien valt alleszins mee. Het is heerlijk dezelfde bekende plekken terug te zien. De bakkerswinkel, het haventje, de rode en groene bakens van de twee witte vuurtorentjes, de Pointe de Poulains, het witte kerkje van Locmaria, de grote vuurtoren. Er is weinig veranderd. Wat er veranderd is zijn details. Het vervallen huis van Sarah Bernhardt is opgeknapt en er is een museum in gevestigd. De Citadelle herbergt nu een hotel en er zijn 's avonds concerten en overdag moderne kunst exposities. Maar het aantal toeristen is niet echt toegenomen. Misschien iets meer of hetzelfde aantal. Voornamelijk Fransen.

maandag, augustus 27, 2007

Kayak

Le Palais, Belle-Ile-en-Mer
28 juli 2007


Zeven jaar geleden liepen we over het Sentier Côtier (kustpad) en zagen in de diepte een groepje kayaks varen, op de hoge golven van de Atlantische Oceaan, tussen de scherpgepunte rotsen. Kleine gele bootjes op het blauwe water, tussen de grijze rotsen. De meiden waren nog jong, tien en zeven, te jong om te gaan kayakken. We maakten een mooie tocht over de rivier de Blavet, met de stroom mee, tijdens dezelfde vakantie. Eén van mijn voornemens was om dit jaar, terug op Belle-Ile, wèl te gaan kayakken. Met de meiden, op de hoge golven. Vandaag is deze wens vervuld. Het was prachtig. We vertrokken vanaf een klein strandje (Plage de Deuborh) en voeren naar de Pointe de Poulains, weer terug en naar Sauzon en terug. Het was werkelijk schitterend. Een geweldige ervaring.

zondag, augustus 26, 2007

Organisatiepsycholoog

De man is mijns inziens licht aangeschoten. Ook rookt hij aan een stuk door. Zijn haar hangt verward over zijn voorhoofd als om de verwarring in zijn hoofd te benadrukken. Hij praat met een enigszins bekakt accent en is werkloos organisatiepsycholoog. Hij houdt net als ik van theater. Hij wil van mij weten wat voor soort theater ik maak. Hij ziet een regisseur en vooral een toneelschrijver als een soort psycholoog, of op zijn minst als iemand die een natuurlijk inzicht heeft in de psychologie van mensen. Hij zelf heeft in de vakantie voor de puppies van zijn hond gezorgd en is gefascineerd door dieren. Zijn hond had een nest puppies gekregen die zijn huis op een gegeven moment begonnen onder te poepen. Hij trok zich terug op het platteland en zorgde voor de puppies, net zo lang tot ze zindelijk waren. Hij zou graag een theatervoorstelling willen maken over het gedrag van dieren. Aan het einde van ons gesprek demonstreert hij mij de eerste scène zoals hij die zich voorstelt, een grote mensaap. Hij loopt met zware stappen en gebogen knieën over het terras van het café. Een wonderlijk gezicht. Een wonderlijke man.

vrijdag, augustus 24, 2007

Tirza

Jörgen Hofmeester is mislukt. Zijn huwelijk is mislukt. Zijn oudste dochter is mislukt. Zijn carrière is mislukt. De opbouw van een kapitaal voor zijn kinderen is mislukt ten gevolge van de gebeurtenissen op 9/11. Hij woont in de beste straat van Amsterdam, op stand, maar zijn hele leven is mislukt. Hij doet nog een poging om te slagen als vader van zijn jongste dochter, Tirza, maar ook die laatste poging mislukt. Ook zij keert zich van hem af. Ze wordt verliefd op een jongeman, Choukri, die sprekend op Mohammed Atta lijkt, het brein achter 9/11. Hierin ziet Jörgen Hofmeester een samenzwering tegen hem. Mohammed Atta neemt hem tenslotte het laatste af wat hij nog over had. In zijn jeugd heeft Hofmeester de liefde doodverklaard, hij probeert het nog een laatste keer door zijn jongste dochter alle liefde te geven die hij nog in zich heeft, maar ook dat mislukt.

Tirza is het zesde boek dat ik van Arnon Grunberg lees en zeker één van de beste. Het verhaal is spannend opgebouwd en goed gecomponeerd met gebeurtenissen die zich herhalen en in omgekeerde vorm terugkeren. Vaak weet je en voel je wat er gaat gebeuren en als het dan gebeurd is het toch spannend. Het troosteloze huwelijk, de verhouding met zijn dochters, de tocht door de woestijn van Namibië met de negenjarige Kaisa, alles is mooi beschreven, maar toch mist het boek iets. Zelf ben ik net als Jörgen Hofmeester in het bezit van twee dochters, reden genoeg om me te kunnen identificeren met hem, maar hij blijft op een afstand. Zijn waanzin staat te ver van me af. "Ik moet niet mijn verstand verliezen," zegt hij op de eerste pagina, onwetend van het feit dat hij dat verstand allang verloren heeft. Op deze eerste pagina wordt, onbekend voor de lezer op dat moment, een groot aantal zaken genoemd die later in het boek terugkomen. Aan het einde van het boek heb ik het gevoel iets gemist te hebben. Er is me iets tussen de vingers door geglipt. Een begrip, een mededogen, een zin. Net als in De Asielzoeker is dat juist één van de thema's, de zinloosheid van het bestaan, maar toch.

donderdag, augustus 23, 2007

Dick Bruna 80

Vandaag is Dick Bruna tachtig jaar geworden. Dat wordt in Rotterdam gevierd met een tentoonstelling: 2000 x Dick. Ik ben er nog niet geweest, maar erg benieuwd. De vele boekomslagen die Dick Bruna maakte behoren tot het mooiste wat er op dat gebied is gemaakt. Daarom in mijn blog een enkel voorbeeld.

woensdag, augustus 22, 2007

I sete a Tebe

Zeven tegen Thebe is een antieke Griekse tragedie van Ayschylos. Michela Lucenti maakte met het Balletto Civile een moderne bewerking met veel zang, dans en beweging. Ik zie de voorstelling op het Noorderzon-festival in Groningen. Het is een trage maar prachtige voorstelling. Na enige tijd haakt een gedeelte van het publiek af en daalt nogal storend de krakende tribune af. Maar de achterblijvers worden beloond. Steeds indringender wordt de voorstelling.
Zelf speelt Michela Lucenti Marlene, een kruising van moeder Courage van Brecht en Marlene Dietrich, tegelijk een soort van medium en hoer die het geld van de machthebber van Thebe, Eteocles, aanneemt terwijl Polynneikes zijn broer, met zeven legers op de zeven poorten van de stad bonkt. Beide partijen worden door dezelfde spelers/dansers gespeeld en zijn slechts te onderscheiden door een klein zwart hoedje. Verder dragen de mannen zwarte pijen waaronder witte verborgen zitten die pas op het einde tevoorschijn komen als ze ook die laatste uittrekken en uiteindelijk naakt op het toneel eindigen. Een indrukwekkende einde van de oorlog tussen beide broers.
De voorstelling bestaat uit mooie beelden, hier en daar volstrekt onbegrijpelijk en speelt met actualiteit door parallellen te trekken met de oorlog tussen de Israëliërs en de Palestijnen. Verder speelt het katholieke geloof een grotere rol dan de Griekse godenwereld van het originele stuk. Onder de indruk blijft het publiek achter en geeft een staande ovatie.

Lees hier de recensie op TheaterCentraal.nl

dinsdag, augustus 21, 2007

Sportschool met normen en waarden

Ik fiets langs het Eemskanaal naar mijn schoonzus. Maar het roeierspad is afgesloten voor alle verkeer. Ik word omgeleid. Daardoor kom ik langs Spartan Fights. 'Sportschool met normen en waarden' staat op een lichtbak boven een getralied venstertje. Onmiddellijk vraag ik me af welke normen en waarden hier worden bedoeld. Oog om oog, tand om tand. De eerste klap is een daalder waard. Het recht van de sterkste. Dat zijn de eerste drie die me voor de geest komen. In de sport gelden veel normen en waarden. Wat is de waarde van een gewonnen touretappe als de winnende renner doping heeft gebruikt? Welke normen worden in zo'n geval overtreden? Het klinkt aardig een sportschool met normen en waarden. Maar eigenlijk zegt het niets. Het ruikt naar braafheid en naar Jan Peter Balkenende. Naar het verlangen de beste van de klas te zijn. Niet naar vechtlust en een Spartaanse opvoeding. De normen en waarden van de Spartanen zijn niet dezelfde als die wij nu nastreven. Zij verlangden naar overwinningen in bloed gedrenkt. Zij wilden winnen maar waren niet wat je nu sportief zou noemen. Ik fiets door en laat de nep-Spartaanse vechtersbazen achter me.

maandag, augustus 20, 2007

Little Cow

Bij de vijver speelt een bandje. We zijn op het festival Noorderzon in Groningen. Het is laat 's avonds en het bandje is al een tijdje bezig. De taal waarin gezongen wordt klinkt onbekend, Oost-Europees. De mannen zien er uit als cowboys van de steppen van achter het voorheen-IJzeren Gordijn. "Little Cow," zegt mijn vrouw. "Dit is Little Cow." Ik weet het niet zeker en ik vraag het aan de man die naast me staat. Hij spreekt alleen Engels maar weet het niet. Dus ga ik naar de man voor me die een vrouw met zijn armen omklemd houdt. De man weet het ook niet, maar de vrouw die hij in zijn armen houdt wel: "Little Cow," zegt ze. Ze spelen ook op Lowlands waar onze oudste dochter is. Ze zijn fantastisch. Aanstekelijke en ongecompliceerde meezingers die ook zonder kennis van het Hongaars zijn mee te brullen. Begonnen als een liedje bij een tekenfilm over een kleine koe heeft de zanger een band geformeerd en Little Cow gedoopt. Ze maken een mengeling van volksmuziek, rap en meezingpop. Binnen de kortste keren staan we te swingen. Helaas zijn ze al bijna klaar, gelukkig geven ze als toegift nog een stuk of drie nummers. Het is druk en gezellig op het festival. De band staat bij de vijver in het Noorderplantsoen en weerspiegelt in het water. Al jaren ben ik niet meer op De Parade geweest in Rotterdam. Te druk, te duur, te bekend. Maar hier in mijn geboortestad vindt een festival plaats dat ik niet goed ken maar heel bijzonder is. Met voorstellingen uit heel de wereld. Een soort Internationale Keuze van de Schouwburg, maar dan in tenten. De volgende dag zien we een Italiaanse voorstelling, daarover later meer.

Foto: Pierre Borasci

Le Rouge et le Noir

Eindelijk gelezen, eindelijk uitgelezen, Le Rouge et le Noir (1831) van Stendhal. Wat een prachtig boek! Vooral de laatste drie hoofdstukken zonder titel. Ik hou van Julien Sorel! Wat een man. Misschien hypocriet tot op het bot, misschien vreselijk nobel en dapper als een Napoleon. Maar ik genoot van zijn avonturen met de vrouw van de burgemeester, mevrouw de Renal en met mademoiselle De la Mole, de dochter van de graaf met wie hij allebei een geheime liefdesaffaire heeft. Het afscheid van Madame de Renal na veertien maanden afwezigheid als hij van het seminarie te Besançon naar de markies De la Mole in Parijs reist en hij stiekem bij haar op haar kamer overnacht. Het rood van de liefde, het rood van de oorlog en het rood van het bloed, tegenover het zwart van het priesterkleed en het zwart van de dood. Ook ik werd verliefd op mevrouw de Renal, de provinicaalse schone, de country-belle uit het plaatsje Verrières in France-Comté, waar haar man de scepter zwaait.
Al vele malen verfilmd, bijna tweehonderd jaar oud, is Le Rouge et le Noir een tijdloos boek. Tijdens zijn leven hadden Stendhals boeken geen enkel succes, dat kan enkel en alleen zijn omdat zijn boeken zijn tijd ver vooruit waren. Net niet zo mooi als La Chartreuse de Parme (1839), dat net iets romantischer is en net iets grappiger maar dat heeft daarentegen een waardeloos einde waarin in enkele pagina's alle belangrijke personages overlijden. Het einde van Le Rouge et le Noir is van een wonderlijke en indringende schoonheid.

vrijdag, augustus 17, 2007

Klarinettist

Le Palais, Belle-Ile-en-Mer
28 juli 2007

De klarinettist (Armand Angster) lijkt een oude rocker. Hij draagt een zwart jasje met op de achterkant iets onduidelijks in rood en zilver. Onder het jasje een zwart T-shirt en een zwarte pantalon. Zwarte puntschoenen van bewerkt leer completeren zijn outfit. Zijn krullend haar is halverwege zwart en grijs en zijn gegroefd gelaat en kleine varkensoogjes doen een leven lang in kroegen, bars en nachtcafé's vermoeden. Voortdurend on the road en in ieder stadje een ander schatje. Als hij speelt lijkt zijn gezicht in zijn instrument gezogen te worden. Ook hij geeft, net als Françoise Kluber waarmee hij deel uitmaakt van het ensemble Accroche-Note en waarmee hij hiernaast op de foto staat, een kleine uitleg vooraf over de muziek die gespeeld gaat worden. Over de seriële muziek, over het twaalftonenstelsel van Arnold Schoenberg, de democratisering van het tonenstelsel, waarin elke noot even belangrijk is.

donderdag, augustus 16, 2007

Zangeres

Le Palais, Belle-Ile-en-Mer
28 juli 2007

De zangeres (Françoise Kluber, foto) is in het rood. Met een bijpassende rode ketting bestaande uit ronde bollen. Haar armband is zwart en detoneert in het geheel. Ook draagt ze foeilelijke schoenen met hele hoge stilettohakken. Ze heeft lang zwart krullend haar, grote ogen, een mooie gebogen neus en een kleine mond die ze rood heeft geverfd waarna ze er een zwart lijntje omheen heeft getekend. Haar zangkunst is niet geweldig maar voordat ze maar een noot heeft gezongen wint ze de harten van het publiek door de regels van het gedicht dat ze gaat zingen op enigszins onbeholpen wijze vanuit het Duits naar het Frans te vertalen. Het is een gedicht van Theodor Storm op muziek van Alban Berg (1885-1935), Schliesse mir die Augen beide, voor sopraan en piano.

woensdag, augustus 15, 2007

Pianiste

Le Palais, Belle-Ile-en-Mer
28 juli 2007

Het publiek bij een klassiek concert zou geblinddoekt moeten worden. Twee uur lang geconcentreerd luisteren is moeilijk. Onwillekeurig dwaalt je blik af en gaat langs het uiterlijk van de uitvoerende kunstenaars, vervolgens naar het publiek. Er is genoeg te zien ditmaal. De pianiste (Carine Zarifian) draagt een dun brilletje waarover haar voorste lange lokken haar heenvallen als ze vooroverbuigt. Dat doet ze. Veel en vaak. Als een kat kromt ze haar rug en beweegt haar neus in de richting van de partituur. Ze is gekleed in een strapless jurk zonder mouwen met een laag uitgesneden rug. Aan de voorzijde staat de jurk iets uit want ze heeft niet genoeg boezem om de cups helemaal te vullen. Om haar armen tijdens het pianospelen te warmen draagt ze bij de blauwe jurk twee bruine beenwarmers om haar armen die als versiering op de pols allebei een klein gapend gaatje hebben. Eerst denk ik dat aan een kant een naad is losgesprongen totdat ik merk dat ze aan de andere kant een eender gat heeft. Ze is een genot om naar te kijken. Hoe ze opgaat in haar muziek, haar lippen tuit, de ogen wijd openspert, haar vrije hand boven de toetsen laat golven en zweven en hoe ze, na een felle noot te hebben gespeeld, haar armen naar achteren werpt. Haar billen wippen omhoog van de pianokruk als ze heftig aanslaat.

dinsdag, augustus 14, 2007

La Traviata

Le Palais, Belle-Ile-en-Mer
25 juli 2007


In Het Arsenaal van de Citadelle is in het kader van het festival Lyrique-en-Mer een operagezelschap aan het repeteren. La Traviata van Verdi. De medewerkers hebben allen een zwaar Amerikaans accent. Tegen een pilaar geleund zit de dirigent met de partituur voor zich op schoot, rechts staat een vleugel met daarachter de pianist, een forse gebruinde jongeman met een zonnebril in zijn krullende haar vastgeklemd. De repetitie wordt geleid door een in het wit gekleed, druk gesticulerend klein vrouwtje dat op en neer en heen en weer rent van en naar het podium. De spelers zijn ontspannen en spelen hun rollen losjes. Er wordt voornamelijk gestudeerd op de mise-en-scène en niet op het acteren of zingen. Slechts een enkele maal geeft de dirigent een aanwijzing met betrekking tot timing of uitspraak.
Ik blijf even hangen bij de scène waarin dokter Grenvil (Luc Lalonde, foto) vertelt dat de tuberculose van Violetta erger is geworden. De dokter goochelt met flesjes en een dokterstas en heeft een geweldige mimiek. Mijn oudste dochter blijft langer hangen. Als wij al lang onderweg zijn naar huis zit zij nog gefascineerd te kijken. Ik moet haar in Rotterdam maar eens mee naar de opera nemen.

zondag, augustus 12, 2007

Dag van de romantische muziek

De violiste toont weinig emotie. Al haar emoties zitten verborgen achter de lippen van haar mond. Terwijl ze speelt vormen ze een glimlach, tuiten ze, en bewegen snel heen en weer tussen beide. Ahee Sagong is een van de laureaten van het Prinses Christina Concours die optreedt op een speciaal daartoe ingericht podium tijdens de Dag van de Romantische Muziek in het park bij de Euromast. Verder zien we een accordeonduo, een vreselijk jonge trompettist, een illegaal optredende accordeoniste die in de Here is en daarvan opgewekt getuigenis doet, een operazangeres uit Belgie en tenslotte het Jos Valster Quintet met Fay Lovsky op diverse instrumenten waaronder de zingende zaag. Het weer is bewolkt en het dreigt voortdurend te gaan regenen, maar tot en met het slotconcert blijft het gelukkig droog. Met poncho's aan fietsen we naar huis.
De grootste attractie van de Dag van de Romantische Muziek is ieder jaar het publiek. "Alleen bejaarden," volgens ons buurmeisje, maar dat is gelogen. Alle leeftijden zijn vertegenwoordigd vanaf nul jaar. Maar veel mensen hebben zich speciaal voor deze dag in een extra romantisch tenue gehesen. Ballroomjurken, trouwjurken en kostuums uit vervlogen en romantischer tijden. Fotografen lopen likkebaardend rond om kiekjes te maken van het verzamelde publiek.
Alleen een extra damestoilet zou geen overbodige luxe zijn. In het Herenhuis staat een lange rij vrouwen te wachten op de twee trappen die naar beneden naar de toiletten lopen. Hoe dieper je komt hoe hoger de temperatuur oploopt alsof je afdaalt in de hel. Mannen kunnen voorbij lopen en hoeven maar kort te wachten voordat ze hun plasje staande bij de pisbak kunnen doen en nadat ze twintig cent hebben betaald aan de Hindoestaanse dame die achter het schoteltje streng toekijkt of iedereen wel betaalt.
We besluiten de dag bij Jos Valster die er weer een feestelijk en vrolijk concert van maakt. Een picknickkleed bij de hand kun je overal waar je wilt neerstrijken, de fles opendraaien (ontkurken hoeft niet meer) en luisteren en genieten. Volgend jaar weer!

In de Citadelle

25 juli 2007,
Le Palais, Belle-Ile-en-Mer

Het Japanse meisje zit links, de Franse jongen zit rechts op het bankje. Tussen hen in een volgepakte rugzak. Ze zitten op een bankje in de Citadelle van Vauban, het fort dat uitkijkt over de baai van Le Palais en honderden jaren lang diende ter verdediging van het eiland Belle-Ile-en-Mer. Het meisje telefoneert, de jongen zit te wachten terwijl ze telefoneert. Terwijl ik rondloop en de Citadelle bezichtig passeer ik steeds opnieuw het stel op bankje. Het Japanse meisje blijft telefoneren, de Franse jongen blijft wachten. Hij kijkt verveeld voor zich uit. Soms is het meisje vrolijk en lacht, soms is ze serieus en luistert ze. De jongen wacht maar.

zaterdag, augustus 11, 2007

Mon fils à moi


Degene die een gezellig avondje naar de film wil is bij Mon fils à moi niet aan het juiste adres. Martial Fougeron heeft een sobere en aangrijpende film gemaakt over een moeder die geobsedeerd is door haar zoon Julien (Victor Sévaux). De moeder zonder naam (Nathalie Baye) houdt alles wat haar zoon doet, nauwkeurig in de gaten en bemoeit zich met alles. Niet gehinderd door haar dochter of haar man. Zij doen pogingen om het ontspoorde gedrag van de moeder in te tomen maar zijn niet tegen haar opgewassen. De zoon is dat al helemaal niet. Het is akelig om te zien hoe de situatie steeds verder uit de hand loopt. De jongen krijgt een vriendinnetje, de moeder zorgt dat hij haar kwijtraakt. De jongen speelt graag piano en krijgt les van zijn oma, de moeder van de moeder, maar voor straf doet de moeder de piano de deur uit en verbreekt het contact tussen oma en kleinzoon.
Hoewel wat langzaam van tempo is het een ontroerende en spannende film waar je niet bepaald vrolijk uitkomt. Een realistische sfeertekening waarvan je weet dat het echt gebeurd zou kunnen zijn en op ieder moment van de dag daadwerkelijk gebeurt, dat is nog wel het ergste. Vanaf het begin met beelden van een vertrekkende ambulance weet je dat dit niet goed af kan lopen en heb je medelijden met het arme jongetje dat zo'n lijdensweg moet ondergaan.